Grote Geschiedenis Quiz 2011
Na maanden van voorbereiding, vragen verzinnen, filmpjes bekijken en skripten schrijven, was het donderdag 2 juni dan eindelijk zo ver: de Grote Geschiedenis Quiz 2011 werd uitgezonden. Een jubileumeditie, want we vierden dit jaar ons tweede lustrum op televisie. De quiz, ook dit jaar georganiseerd door de Volkskrant, Andere Tijden en het Historisch Nieuwsblad, vond plaats in de prachtige Zuiderkerk te Amsterdam, hoofdkantoor van het Nationaal Historisch Museum.
En ook dit jaar gingen vijf teams van drie personen de strijd aan. Het eerste team bestond uit bekende advocaten, te weten Theo Hiddema, Peter Plasman en Louis Zonneberg. Het tweede team werd gevormd door columnisten: Beatrijs Ritsema, Bas Heijne en Nausicaa Marbe. In het derde team, van acteurs die een lid van het koninklijk huis hebben gespeeld, zaten een Bernhard, een Beatrix en een Maxima: Hubert Fermin, Carine Crutzen en Martine Sandifort. Het volgende team bestond uit oud-Tweede Kamerleden: Frank de Grave, Naïma Azough en Gijs Schreuders. Het laatste team ten slotte bestond traditiegetrouw uit de winnaars van de voorronde in de Volkskrant en het Historisch Nieuwsblad: Rob Post, Helm Horsten en Tom Schalekamp.
Wat konden ze winnen? Een prachtige historische rondreis voor twee personen, aangeboden door reisbureau Historizon.
Spannend
Na een spannende eerste ronde waarin de advocaten al snel op achterstand stonden, de lezers meteen uitliepen, maar de andere drie teams gelijk opgingen, slaagden de teams van de columnisten, lezers en oud-Tweede Kamerleden er in door te stomen naar de tweede ronde.
De vragen over het dagelijks leven in Nederland rond 1600 nekten de columnisten, en de finale werd gespeeld door het lezersteam en de oud-Tweede Kamerleden. Na een zinderende finale, waarbij we eindigden met een gelijkstand, trokken de lezers met een bonusvraag uiteindelijk weer aan het langste eind. Zij wonnen met een vraag over de Kanalenkoning de tiende editie van de Grote Geschiedenis Quiz.
Heeft u de quiz gekeken, maar vond u de vragen en antwoorden een beetje snel gaan? Of bent u benieuwd naar de achtergrond van de vragen? Lees dan hieronder alle vragen en antwoorden nog eens terug.
Herhaling: 12 juni om 13.10, Ned. 1
Vragen en antwoorden - Ronde 1
1) De reizen die schepen van de VOC tussen 1602 en 1795 ondernamen, waren niet zonder gevaren. Welk percentage van de oorspronkelijke opvarenden keerde er níet terug naar Nederland?
a. 40%
b. 60%
c. 80%
Het goede antwoord is b.
Zo’n 60 procent. Tijdens het bijna tweehonderdjarig bestaan van de VOC voeren er in totaal zo’n 973.000 Europeanen naar Azië. Hiervan keerden er ongeveer 366.900 terug. Dat er slechts een kleine 40 procent terugkeerde naar de Nederlanden had een aantal redenen. Natuurlijk was de reis niet zonder gevaren; een deel van de opvarenden overleed aan boord, aan ziektes als scheurbeuk en malaria, of viel overboord en verdronk. Maar er bleven ook matrozen hangen in de Oost; die gingen aan het werk in de kolonie, trouwden en kregen kinderen – voor zolang het duurde, want ook daar was de sterfte heel hoog.
2) De Franse minister van Oorlog wilde aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog de Franse uniformen vervangen. Waarom?
a) Omdat het oude uniform teveel leek op het Duitse uniform.
b) Omdat de Franse soldaten in hun rode broeken een makkelijk doelwit waren voor moderne wapens.
c) Omdat het oude uniform de soldaten onvoldoende bewegingsvrijheid bood.
Het goede antwoord is b.
Omdat de Franse soldaten in hun rode broeken een makkelijk doelwit waren voor moderne wapens. Rode broeken, dat ging niet meer in een moderne oorlog. Ze waren namelijk op honderden meters afstand te zien. Het Franse leger wilde alleen niets weten van de ‘roemloze modderkleuren’, die de Britse en Duitse soldaten al wel droegen.
Maar aan het begin van de Eerste Wereldoorlog bleek al snel dat de Franse soldaten levende schietschijven waren. Ondanks grote verliezen hielden de Fransen toch nog een tijdje vast aan hun rode broek, maar eind 1914 werd deze broek vervangen door een grijsblauw exemplaar.
De Fransen waren trouwens niet de enigen die van felle kleuren hielden; zo ging de Belgische cavalerie gekleed in paarse broeken en droegen de Oostenrijkers een geel exemplaar. Zij waren zo slecht gecamoufleerd dat één derde van de Oostenrijks-Hongaars troepen de eerste vier maanden van de Eerste Wereldoorlog niet overleefde.
3) Sinds 1 maart 2011 mogen we 130 kilometer per uur rijden op de Afsluitdijk. Maar wanneer werd de eerste algemene snelheidslimiet voor auto’s op de Nederlandse wegen eigenlijk ingevoerd?
a) In 1942 werd door de Duitsers een snelheidslimiet van 60 km per uur ingevoerd buiten de bebouwde kom.
b) In 1957 werd een limiet van 50 km per uur ingevoerd binnen de bebouwde kom.
c) In 1968 werd een limiet van 100 km per uur ingevoerd op autowegen.
Het goede antwoord is b.
Op 1 november 1957 werd het eerste algemene snelheidslimiet van 50 km per uur ingesteld binnen de bebouwde kom. Maar al in 1956 had het Polygoon Journaal een filmpje over het gloednieuwe flitsapparaat waarmee snelheidsovertreders betrapt konden worden. In dit jaar werd er namelijk al een maximumsnelheid van 40 km per uur buiten de bebouwde kom ingevoerd voor bromfietsen.
Overigens deed de Tweede Kamer in 1908 een voorstel om de maximumsnelheid voor automobielen te verlagen naar 10 km per uur; dit haalde het echter niet.
4) Op 10 mei 1940 vielen de Duitse troepen Nederland binnen. Welke officiële verklaring gaven de Duitsers voor deze inval?
a) Nederland wilde het Duitse leger geen doorgang geven door Limburg.
b) Nederland zou in het geheim een bondgenootschap met België en Frankrijk hebben gesloten.
c) Engeland zou Nederland, met ons goedvinden, willen binnenvallen om op te rukken naar het Roergebied.
Het goede antwoord is c.
Engeland zou Nederland, met ons goedvinden, willen binnenvallen om op te rukken naar het Roergebied. Hoewel Nederland traditioneel een neutraliteitspolitiek handhaafde, viel Duitsland op 10 mei 1940 Nederland binnen. Ondanks de mobilisatie in augustus 1939 was ons land slecht voorbereid op een Duitse invasie. Hoewel er onder andere bij Kornwerderzand nog even stand werd gehouden, was Nederland binnen vijf dagen veroverd.
Voorafgaand aan de inval voerden de Duitsers de spionage fors op. Daardoor beschikte de Duitsers bijvoorbeeld over een gedetailleerde kaart van de Grebbeberg, met mijnenvelden, commandoposten, kazematten en inundaties. Ze maakten daarvoor dankbaar gebruik van de uitkijktoren in Ouwehands Dierenpark. Toen minister-president De Geer op de spionage werd gewezen, achtte hij de economische betekenis van de openstelling van de toren belangrijker dan mogelijke risico’s voor de staatsveiligheid.
5) Waar komt de term mecenas vandaan?
a) Van Maecenas, de raadsheer van keizer Augustus, die in de eerste eeuw voor Christus kunstenaars steunde met geld en goede raad.
b) Van de Florentijnse familie Mecena, die in de vijftiende eeuw optrad als beschermer van de Renaissance-kunst.
c) Van het Verlichtingsgenootschap Macenas, dat in de achttiende eeuw kunst, literatuur en theater wilde stimuleren.
Het goede antwoord is a.
De term Mecenas komt van Maecenas, de raadsheer van keizer Augustus, die in de eerste eeuw voor Christus kunstenaars steunde met geld en goede raad. Maecenas werd geboren tussen 74 en 64 voor Christus en stamde uit een oud Etruskisch koningsgeslacht. Hij was bekend om zijn rijkdom en werkte zich tijdens zijn leven op tot boezemvriend en raadsheer van keizer Augustus. Daarnaast was hij een beschermheer van de schone kunsten, hij ging onder andere om met dichters als Vergilius en Horatius.
Zijn tijdgenoten vonden hem echter maar een vreemde vogel, hij werd beschreven als verwijfd, decadent en excentriek. Als echte bon vivant was Maecenas een liefhebber van alle goede dingen in het leven. Hij stond bekend om zijn exotische kleding en sieraden, en gebruikte naar verluid meer schoonheidsproducten dan de gemiddelde Romeinse vrouw. Zijn tuinen waren beroemd om hun terrassen, wijngaarden en het eerste verwarmde zwembad in Rome. Zijn naam werd in de loop der tijd een synoniem voor een beschermheer van de schone kunsten.
6) Betty Boop was vanaf haar verschijning in 1930 een razend populair sekssymbool. Na 1934 daalde haar populariteit aanzienlijk. Wat was een van de belangrijkste oorzaken?
a) Ze werd in Duitsland gebruikt in de campagnes van de nationaal-socialisten.
b) Na de invoering van een zedelijkheidscode in de Amerikaanse filmindustrie werd Betty gecensureerd.
c) Door de opmars van Disneyfiguren als Mickey Mouse werd Betty steeds meer van haar plaats verdrongen.
Het goede antwoord is b.
Na de invoering van een zedelijkheidscode in de Amerikaanse filmindustrie werd Betty gecensureerd. Betty Boop was als stripfiguur losjes gebaseerd op de actrices Clara Bow en Helen Kane, en werd na haar verschijning in 1930 meteen razend populair. Met haar korte rok en lossen zeden wordt ze vaak gezien als het eerste sekssymbool in cartoons.
De filmindustrie had in deze jaren echter te kampen met een slecht imago. Om het immorele imago van de filmindustrie wat op te vijzelen legde die zichzelf begin jaren dertig een zedelijkheidscode op. In 1934 bepaalde deze Production Code (ook wel bekend als de Hays Code, naar de man die de conservatieve werklijnen voor Hollywood vastlegde), dat de rok van Boop niet zo kort mocht zijn. Boop zou te aanstootgevend zijn en er dreigde een verbod.
Daarom droeg Betty vanaf 1934 een lange jurk. Ook veranderde ze van een vrouw die wel in was voor plezier in een vrouw die liever thuis bleef, ver weg van starende en versierende mannen. In 1939 werd het laatste Boop-filmpje gemaakt. Tegenwoordig siert Betty nog menig merchandising product; veel fans kennen haar oorsprong echter niet meer.
7) Vingerafdrukken: die gebruiken we om boeven te vangen, en tegenwoordig moet iedereen ze laten maken bij de aanvraag van een nieuw paspoort. Wanneer werden vingerafdrukken voor het eerst gebruikt ter identificatie?
a) In 1858 liet een Engelse ambtenaar in India vingerafdrukken op loonzakjes zetten, zodat arbeiders hun salaris niet tweemaal konden incasseren.
b) De Londense politie nam vanaf 1906 vingerafdrukken af bij Suffragettes, omdat ze bij arrestatie weigerden hun naam te noemen.
c) In 1941 moesten alle Amerikaanse soldaten vingerafdrukken afgeven, zodat onbekende gesneuvelden geïdentificeerd konden worden.
Het goede antwoord is a.
In 1858 liet een Engelse ambtenaar in India vingerafdrukken op loonzakjes zetten, zodat arbeiders hun salaris niet tweemaal konden incasseren. William Herschell, hoofdambtenaar in het Indiase Hooghly-district gebruikte vinger- en handafdrukken bij het ondertekenen van contracten met de plaatselijke bevolking. Die zagen het zetten van een vinger- of handafdruk namelijk als een bindende overeenkomst. Zo vergrootte Herschell de kans dat zijn contracten nageleefd werden. Later besefte Herschell dat deze afdrukken ook gebruikt konden worden voor persoonlijke identificatie en probeerde zo loonfraude te voorkomen.
8) Prinses Margriet kwam op 19 januari 1943 in het Canadese Ottawa ter wereld. Hoe komt het dat zij toch geen Canadese nationaliteit heeft?
a) De kamers van het ziekenhuis werden onttrokken aan de Canadese wet, waardoor Margriet de Nederlandse nationaliteit van haar moeder kreeg.
b) Margriet werd geboren op de Nederlandse ambassade te Ottowa.
c) Leden van het koningshuis hebben automatisch recht op de Nederlandse nationaliteit.
Het goede antwoord is a.
Het ziekenhuis waarin Margriet geboren werd, werd tijdelijk onttrokken aan de Canadese wet. Juridisch betekende dit dat deze kamers werden verklaard tot niet-Canadees grondgebied. Daardoor kreeg Margriet automatisch de Nederlandse nationaliteit van haar moeder. En dat was belangrijk, omdat zij anders niet in aanmerking kon komen voor de Nederlandse troon.
9) De rechtse Tea Party beweging in de Verenigde Staten groeit snel. Ze grijpt terug op de Boston Tea Party, een protest van Amerikaanse kolonisten tegen de Britten op 16 december 1773. Waar ageerden deze kolonisten tegen?
a) Tegen de culturele invloed van de Britten – theedrinken stond hiervoor symbool.
b) Tegen de slavenarbeid waarvan de Britten voor de productie van thee op plantages gebruik maakten.
c) Tegen de hoge belasting die de Britten legden op thee die door de Amerikanen werd geïmporteerd.
Het goede antwoord is c.
De kolonisten ageerden tegen de hoge belasting die de Britten legden op thee die door de Amerikanen werd geïmporteerd. De Amerikaanse kolonisten gooiden indertijd balen thee uit Britse schepen in zee omdat zij veel meer importbelasting moesten betalen dan de Brits-Oost Indische Compagnie. Zo werd hun handel vrijwel waardeloos en verwierf de Brits-Oost Indische Compagnie feitelijk een monopolie.
Een onderliggende reden van het protest was dat ze wel belasting betaalden aan de Britse overheid, maar geen zetels hadden in het Britse Parlement. Vandaar ook de beroemde kreet: ‘No taxation without representation’.
Ook de huidige Tea Party beweging zet zich af tegen te veel bemoeienis door de federale overheid. Ze streeft naar maximale individuele vrijheid en is tegen de meeste vormen van overheidsbemoeienis. Overigens is de slogan van de Bostonse afdeling van de huidige Tea Party: Time to party like it’s 1773!
10) Het liedje Lili Marleen werd tijdens de Tweede Wereldoorlog gespeeld aan alle fronten, door zowel de Duitse als geallieerde soldaten. Wie was Lili Marleen?
a) Marlène Dietrich, die met haar mooie benen door soldaten over de hele wereld zeer werd bewonderd.
b) De hoofdpersoon in een gedicht van de Duitse soldaat Hans Leip.
c) De Zwitserse verpleegster Liliane Marlene Hansson, die aan vele fronten soldaten verzorgde
Het goede antwoord is b.
Lili Marleen was de hoofdpersoon in een gedicht van de Duitse soldaat Hans Leip. Het wereldberoemde lied werd in 1915 door de Duitse soldaat Hans Leip geschreven. Hij baseerde de figuur van Lili Marleen op zijn liefje Lili, en de verpleegster Marleen van wie hij danig onder de indruk was geraakt. In het lied mijmert hij over zijn liefje die met een lantaarn op hem wacht buiten de kazerne. Het weemoedige liedje, vertolk door Lale Anderson, werd vanaf 1941 iedere avond gedraaid door de Duitse soldatenzender Radio Belgrado. Soldaten over de hele wereld, inclusief de geallieerden, zetten er vaak speciaal hun radio voor aan. Goebbels deelde de liefde van zijn soldaten voor het lied niet; hij zou het ‘een lijk van een smartlap’ hebben genoemd. Late maakte Marlène Dietrich furore met het lied.
11) Wat was de Grote Trek?
a) De trektocht van Noord-Amerikaanse pioniers naar de Pacifische kust, na de grote landaankopen van president Jefferson in 1803.
b) Een landverhuizing rond 1840 van ongeveer 14.000 Afrikaners, die vanuit de Kaapkolonie naar het noorden trokken en hun eigen staten stichtten.
c) De vlucht van duizenden Belgen naar Nederland aan het begin van de Eerste Wereldoorlog.
Het goede antwoord is b.
De Grote Trek was de verhuizing van Nederlandstalige boeren rond 1840 naar het oosten en noorden van Zuid-Afrika om zich te onttrekken aan het Britse koloniale bestuur. Deze ‘Voortrekkers’ richtten uiteindelijk verschillende Boerenrepublieken op, die samen met de Kaapkolonie een basis vormen voor het hedendaagse Zuid-Afrika.
In 1916 werd deze gebeurtenis verfilmd in Zuid-Afrika’s eerste epische film: De Voortrekkers. Inspiratie voor deze film was D.W.Griffits Birth Of A Nation, de beruchte Amerikaanse film over de Klu Klux Klan. De Voortrekkers kreeg eenzelfde racistisch tintje. Bovendien verliepen de opnames ook niet geheel vlekkeloos. Het filmen van de slag bij Blood River liep uit op een drama. De ‘Boeren’ schoten met scherp op de ‘Zulu’s’, waarna die de aanval inzetten. Na tussenkomst van de bereden politie bleek dat enkele zwarte figuranten het leven hadden gelaten.
12) In 1959 was de eerste inzamelingsactie op tv te zien: ‘Redt een kind’. De presentatie was in handen van jonge omroepsters als Mies Bouwman, Karin Kraaykamp en Yoka Berretty. Waarvoor werd deze actie gehouden?
a) Voor een woongemeenschap van gehandicapte kinderen bij Arnhem
b) Voor slachtoffertjes van een aardbeving in Griekenland
c) Voor Algerijnse vluchtelingen in Marokko.
Het goede antwoord is c.
‘Redt een kind’ werd georganiseerd voor Algerijnse vluchtelingen in Marokko. De actie was bedoeld voor de duizenden vluchtelingen die de Algerijnse oorlog waren ontvlucht en in Marokkaanse vluchtelingenkampen werden ondergebracht. Naar schatting twee à drie miljoen Nederlanders keken 13 december 1959 naar de tv-inzamelactie, heel wat voor een tijd waarin nog geen half miljoen televisietoestellen in de huiskamers stonden.
De live-uitzending vanuit het Concertgebouw te Amsterdam werd gepresenteerd door jonge presentatrices als Mies Bouwman, Yoka Berretty, Karin Kraaykamp en Ageeth Scherphuis. Hilarische hoogtepunt van de uitzending was de ‘veiling’ van de baard van cabaretier Wim Ibo, die zich voor een astronomisch bedrag liet scheren. Uiteindelijk bracht de televisieavond maar liefst 120.000 gulden op, omgerekend is dat ongeveer 336.000 euro.
13) Waar komt de term ‘Bananenrepubliek’ vandaan?
a) Uit Honduras, waar de United Fruit Company begin twintigste eeuw meewerkte aan de val van diverse politici en regeringen.
b) Uit Equador, waar een grote fruitproducent het in 1918 tot president schopte.
c) Uit Liberia, waar de bananenteelt van 1861 tot midden jaren negentig meer dan de helft van het BNP vormde.
Het goede antwoord is a.
De term ‘Bananenrepubliek’ slaat oorspronkelijk op Honduras, waar de United Fruit Company (Chiquita) begin twintigste eeuw meewerkte aan de val van diverse politici en regeringen. Het bedrijf had daar zoveel macht dat het de bijnaam ‘de Octopus’ kreeg. Het bemoeide zich regelmatig met de binnenlandse politiek en schuwde harde middelen niet om een flinke vinger in de pap te houden. In 1910 huurde het bedrijf zelfs een groep criminelen uit New Orleans in om de regering omver te werpen, omdat deze te hoge belastingen zou rekenen.
De term ‘bananenrepubliek’ werd voor het eerst gebruikt door de schrijver O. Henry, die in zijn boek Cabbages & Kings (1904) zijn verblijf in Honduras beschreef. In Nederland komt de term voor het eerst voor in een advertentie voor de film The Dictator uit 1922: ‘Wat een film! Gevechten en sensationele avonturen in een Spaansche bananen-republiek, met een levenslustige jong Amerikaan en een knappe senorita als hoofdpersonen.’
14) In de loop van de achttiende eeuw droogde de slavenhandel via de Nederlandse kolonie Goudkust op. Maar het slavenfort Elmina bleef tot 1850 een andere functie vervullen. Welke?
a) Een uitvalsbasis voor de katholieke missie.
b) Een wervingsbureau voor soldaten voor het KNIL.
c) Een opslagplaats van cacaobonen voor de Nederlandse cacao-industrie.
Het goede antwoord is b.
Na de afschaffing van de slavenhandel vond men een nieuwe bestemming voor de Nederlandse kolonie Elmina: het werd een wervingsbureau voor soldaten voor het Koninklijk Nederlandsch-Indisch Leger (KNIL). De werving van soldaten verliep vanaf 1836 via de Ashanti-koning, en werd door Arthur Japin beschreven in zijn roman De zwarte met het witte hart.
Tussen 1831 en 1872 werden er ruim 3000 Afrikanen geronseld voor het KNIL. Men wilde het aantal Indische soldaten in dat leger beperkt houden, en dacht dat de Afrikanen beter bestand zouden zijn tegen het Indische klimaat dan Nederlandse soldaten. De werving was overigens geen groot succes en stuitte bovendien op internationaal verzet, omdat het een verkapte vorm van slavernij was. Na de onafhankelijkheid van Indonesië repatrieerden veel van deze ‘Belanda Hitam’ (zwarte Nederlanders) naar Nederland.
15) Wanneer konden vrouwen voor het eerst toetreden tot de Nederlandse krijgsmacht?
a) In 1914, toen er door de mobilisatie een tekort ontstond aan ondersteunend militair en verplegend personeel.
b) In 1944, toen het (Vrijwillig) Vrouwen Hulpkorps werd opgericht om het pas bevrijde zuiden van Nederland bij te staan.
c) In 1948, toen er door de oorlog in Indonesië te weinig militairen in Nederland waren.
Het goede antwoord is b.
In 1944 werd het (Vrijwillig) Vrouwen Hulpkorps werd opgericht ter ondersteuning en bijstand van het pas bevrijde Nederland. In de bevrijde gebieden verleenden zij hulp aan evacués, regelden voedseltransporten en ontfermden zich over de bestrijding van luizen.
Later werd dit vrouwenkorps omgevormd tot Militaire Vrouwenafdeling, de MILVA. Ook de Luchtmacht en de Marine hadden hun eigen vrouwenkorps. In 1978 werd de officiersopleiding opengesteld voor vrouwen, maar pas in 1982 werden vrouwen volledig geïntegreerd in het leger. Op de eerste vrouwelijke generaal moesten we zelfs wachten tot 2005.
Benaderingsvraag: Ook in de jaren ’30 was er een economische crisis. Hoeveel werklozen waren er in Nederland op het hoogtepunt van de crisis in 1936?
Op het hoogtepunt van de crisis waren er zo’n 480.000 werklozen in Nederland. Het aantal werklozen lag in 1930 op 100.000 en nam tijdens de crisis enorm toe. Één op de vier Nederlandse arbeiders was in deze periode meer dan een jaar werkloos.