Hoofdinhoud

Andere Tijden: Van Doarp en Durp Barsten in de gemeenschap

  • 23.11.2011
  • Nienke van der Burg

De kruidenier moet zijn deuren sluiten, de bushalte wordt opgeheven en opeens besef je dat je niet meer iedereen in het dorp kent. Veel dorpen krijgen eind jaren zestig, begin jaren zeventig te maken met leegloop, andere worden juist opgeslokt door de stad. De middenstand, de scholen en de burgemeester moeten strijden voor hun bestaan. Maar de auto, tv en supermarkt zorgen ook voor ongekende mogelijkheden.

‘Op de velden achter de pastorie, groen in de lente, geel in de zomer, zwart in de herfst, wit in de winter, schoten de huizen uit de grond; dichter bij de rivier werd een tweede wijk gebouwd en een derde.’
Jan Brokken, Rhoon

‘Door de boterbloemen in de berm en de klaprozen tussen het koren voldeed het dorp aan de verwachting die de nieuwkomers van het buitenleven hadden. Het duurde een paar jaar voor ze ontdekten dat die arcadische pracht de buitenkant was.’
Jan Brokken, Rhoon 

‘Het waren jaren waarin alles kon gebeuren. Er werd een speelweek georganiseerd voor de Jorwerter kinderen, met de hele week hutten en pannekoeken. De matinee van de merke werd één grote verkleedpartij. Aan de Pastorijfinne kwam een homo wonen, en een BOM moeder, en een gescheiden man en een gescheiden vrouw, er kwamen wilde tuinen en sommigen hingen zwarte, wijdmazige gordijnen voor de ramen.’
Geert Mak, Jorwerd 

‘Het geld waarmee zo opgetogen het dorpsfeest gevierd kon worden, zou er ook voor zorgen dat de hechtheid van het oude dorp geleidelijk aan verdween. Met bromfietsen en auto’s trokken de bewoners de wijde wereld in. Welvarende stedelingen, die rust zochten namen idyllische buurtschappen als de Ganzert over en zouden het eeuwenoude buurtgevoel teniet doen. Net als de televisie, die de mensen in hun huis opsloot en het bij elkaar buurten tot een zeldzaamheid maakte.’
Chris van Esterik, Ingen 

‘Bakker De Jong was ook de eerste Jorwerter die zich een televisie aanschafte. Weer werd iedereen uitgenodigd om de nieuwigheid te bewonderen. Als er op woensdag- en zaterdagmiddag een kinderprogramma was stonden wel dertig paar klompen voor de deur. Bij voetbalwedstrijden en andere evenementen werd het toestel in het raam gezet. Na Klaas de Jong volgde al snel de notaris, daarna het hele dorp.’
Geert Mak, Jorwerd 

‘Ik reed in die dagen op mijn witte Puch, statussymbool van de beatjongeren met een hogere opleiding, met veel te kort lang haar - verbod van mijn vader – langs de bogen, waar iedere gast onbekrompen te drinken kreeg. De week eindigde, diep in de nacht, in de boomgaard van Huibje van Ossenbruggemn op de Ganzert in gelukzalige dronkenschap.’
Chris van Esterik, Ingen