Leeuwarden, 1970 - 1980 In de vrije uurtjes
- Zoom
- 'Hier en daar een Marokkaan'
“Is jouw vader een van de mannen van de blikfabriek?” Als ik het vermoeden bevestig, begint de Friezin van middelbare leeftijd zo te grinniken dat ik blij ben dat ze mijn vader niet persoonlijk kent. “Dat waren exotische mannen met van die geweldige krullen.” De donkere lokken van mijn vader waren gelukkig niet voor lang, hij werd op jonge leeftijd kaal. Je zou zeggen dat de Marokkaanse spaarders met het oog op terugkomst in Marokko een sober leven leidde in Nederland maar niets is minder waar.
“Het was écht jongens onder elkaar,” vertelt Lahcen “we konden veel plezier hebben in ons pension, maar ook als we de stad in gingen werden we verwelkomd door de Friezen. Ze wilden alles van ons weten.” Mijn vader klaagt wel eens dat er vroeger nooit gezeur was over Marokkanen en dat de mensen veel aardiger tegen hen deden. Een duik in het beeld en geluid- archief bewijst dat de Marokkaanse arbeiders bij lang niet iedereen welkom waren. Als een verslaggever straatinterviews afneemt en vraagt of de buitenlandse arbeider als partner gezien kan worden, wordt er verschillend gereageerd. “We hebben toch onze eigen mensen?” “Als het niet anders kan, dan moet het maar” of “Wat moet ik daar over zeggen, het zijn ook mensen”. Lahcen en de andere Marokkaanse mannen wisten niet hoe de Nederlandse ouders dachten over de Marokkaanse mannen die de harten van hun dochters veroverden. “De Nederlandse meisjes lachten vrolijk naar ons en veel mannen van het pension zijn ook getrouwd met een Nederlandse.” Het is waar, de vrouwen van oud-blikmakers heten Ria, Tanja of Sjoukje. De vrolijkheid was wederzijds.
VAT ‘69 is een discotheek in het centrum van Leeuwarden hier zochten waar de Marokkaanse arbeiders afleiding. De Marokkanen kwamen tijdens het uitgaans- leven in contact met de Leeuwarders. Er werd gekletst, gedanst en gedronken. Mijn vader krijgt het heet onder de voeten als het gaat om het drinken van alcohol. Hij heeft nooit ontkend dat hij wel eens gedronken heeft. Zelfs op foto’s van de bruiloft van mijn ouders zie ik de groene Heineken flesjes staan. Als moslim is het niet toegestaan om alcohol te eten. “We gingen wel eens uit en daar dronken sommigen wel bier bij,” waarna verdediging volgt “maar we waren ons niet bewust dat het niet mocht.”
De Leeuwarders viel juist op dat de mannen zich niet waagden aan alcohol. “De mannen dronken alleen maar cassis, cassis en nog eens cassis. Het waren leuke mannen, maar het was altijd nog Marokko tussen de oren.”