Main Content

Jaren dertig: Kuifje in Shanghai China door de ogen van Kuifje en Hergé

  • 4 november 2003
Zeven weken in China
Zoom
Zeven weken in China

Na de avonturen van Kuifje in Egypte laat tekenaar Hergé zijn stripheld doorreizen naar China. Nieuw is dat de auteur geen genoegen meer neemt met simpele stripclichés, maar de complexe actualiteit van Shanghai in de jaren dertig probeert te reconstrueren.

Jaren dertig: Kuifje in Shanghai

Blauwe Lotus

Het vijfde album met de avonturen van collega-reporter Kuifje,’De Blauwe Lotus’, staat alom bekend als het meesterwerk van tekenaar Hergé. Voort het eerst kent het verhaal een zorgvuldige opbouw en is er geen sprake meer van een chaotische ontwikkeling van de intrige. Veel belangrijker echter is de inbreng van een Chinese student aan de kunstacademie van Leuven: Tchang Tchong-jen. Hingen de vorige verhalen van Kuifje aaneen van de clichés (domme Afrikaantjes, enge Bolsjewieken, op geld beluste Amerikanen), deze keer wordt, onder invloed van Tchang, een zo getrouw mogelijk beeld gegeven van het land dat als decor dient voor de avonturen van Kuifje. Bovendien is dit verhaal, in tegenstelling tot de eerdere, niet langer tijdloos, maar staat het vol met de complexe actualiteit van het toenmalige China.

Belgische pater

Het is de Belgische pater Gosset geweest die de jonge kunstenaars, ze waren beiden 27 jaar oud, aan elkaar koppelde. Nadat Kuifje begin jaren ’30 zijn avonturen in Egypte had afgerond (De Sigaren van de Farao) werd bekend dat hij zou doorreizen naar het Verre Oosten. En omdat Gosset, aalmoezenier van de Chinese studenten in Leuven, bang was dat Hergé zich zou verliezen in het tekenen van angstaanjagende, opiumsnuivende Chinezen met lange staarten, bracht hij hem in contact met Tchang. Uit deze gearrangeerde ontmoeting ontstond een vriendschap die meer dan vijftig jaar zou voortduren. Hoe innig de vriendschap was blijkt uit het feit dat de vriend-voor-het-leven die Kuifje in China ontmoet Tchang Tchong-jen heet.

Shanghai

‘De Blauwe Lotus’ speelt zich voornamelijk af in het decor van Shanghai, de stad die in de jaren ’30 haar hoogtepunt als metropool blijkt te hebben. Met behulp van foto’s, tekeningen en de herinneringen van Tchang wordt door Hergé een zo getrouw mogelijk beeld van de stad gegeven. Zo wordt al in het begin van het avontuur duidelijk dat Chinese vrouwen geen klompvoetjes meer hebben en dat de rivieren niet bezaaid zijn met baby’s die na de geboorte in het water worden gegooid. Alleen Jansen en Janssen zijn nog niet met hun tijd meegegaan: zij kleden zich nog als stereotype Chinezen, compleet met mandarijnentoga en een lange vlecht.

Japanse bezetting

Hergé verdiept zich voor zijn verhaal in de recente politieke geschiedenis van China. In het land woedt al jaren een hevige strijd tussen de communisten van Mao Zedong en het nationalistische leger van Chang Kai-shek. En dus knijpen landen als Frankrijk en Engeland een oogje dicht wanneer Japan zijn greep in Manchurije vergroot met het excuus dat ze voor een zekere stabiliteit willen zorgen.

Het mag duidelijk zijn dat de Chinees Tchang geen genoegen neemt met deze bezettingsdrift. Vandaar dat het beeld van de Japanners in ‘De Blauwe Lotus’ uiterst negatief is. Zij zijn de op macht beluste sadisten die Kuifje op allerlei manieren willen dwarszitten. Op de pamfletten die we in de strip aan de muren zien hangen staat in Chinese tekens ‘weg met de imperialisten’ wat zoiets betekent als ‘dood aan de Japanners’. De avonturen van Kuifje in China zorgen er zelfs voor dat de Japanse ambassade een officieel protest indient bij de uitgever van Hergé. Deze roept de tekenaar op het matje en stuurt hem weg met de woorden: “Vooral doorgaan!”.

Aanslag

Een beroemde passage uit het stripverhaal is die van de aanslag op een spoorweg. Dit is een directe verwijzing naar een beruchte bomaanslag in 1931 op een spoorbrug bij Moekden (het huidige Shenyang). In een officieel communiqué stelt de Japanse delegatie de Chinese troepen verantwoordelijk. Het Japanse leger bezet vervolgens de stad Moekden en korte tijd later heel Manchurije. De Chinezen doen een beroep op de Volkenbond. In Genève onstaat een verhit debat tussen de Chinese en de Japanse afgevaardigde. Echo’s van de kromme redeneringen van de Japanners vind je terug in De Blauwe Lotus. Op de tribune zie je een Japanner verkondigen: “dat wij helaas troepen moesten sturen naar China, deden wij ter verdediging van China zelf”. De Volkenbond besluit een onderzoek in te stellen. Al snel vermoedt men dat de Japanners zélf achter de aanslag zitten. Wanneer in 1933 een uiterst kritisch rapport naar buiten komt besluit Japan uit de Volkenbond te stappen. Dit hele relaas wordt in het stripverhaal in nauwelijks twee pagina’s op sublieme wijze verbeeld.

Kuifje naar Tibet

Na de samenwerking aan het album verliezen Hergé en Tchang elkaar uit het oog. Tchang gaat terug naar China en kan door de loop van de geschiedenis (Tweede Wereldoorlog, onderdrukking van het communisme van Mao) pas in ’80 zijn Belgische vriend weer ontmoeten. In de tussentijd heeft Hergé als ode aan hun vriendschap het album ‘Kuifje in Tibet’ geschreven, waarin de reporter zijn oude vriendje Tchang weer ontmoet. Met veel tamtam brengt een televisieprogramma de beide heren weer bij elkaar. Het jammere is alleen dat de zieke Hergé zich kapot ergert aan de vitale kunstenaar uit China. De reünie loopt uit op een deceptie. Ik denk dat de Belgische striptekenaar er geen rekening mee had gehouden dat Tchang zich had ontwikkeld tot een magistraal wereldkunstenaar, terwijl hij zelf nog altijd ‘albums voor de jeugd’ tekende.

Dit is de derde aflevering van een serie portretten van beroemde China-gangers. Volgende week: Joris Ivens.

Kijk op 'Zeven weken in China' voor een online reisverslag van twee Nederlandse verslaggevers langs de Oostkust van het huidige China.

Bronnen:

Marcel van Nieuwenborgh en Claire Chang China in Kuifje (1995)
Michael Farr Kuifje. Droom en werkelijkheid. De ontstaansgeschiedenis van de avonturen van Kuifje (2002)
Jean-Michel Coblence en Tchang Yifei Tchang! Biografie van de man die Hergé inspireerde (2003)

Tijdbalk:

1925 Chinese arbeiders in de textielindustrie staken vanwege de slechte werkomstandigheden. De politie van de Britse Concessie beschermt de Japanse fabrieksdirecteuren. Als er een algemene staking uitbreekt sluiten ook de studenten, waaronder de 18-jarige Tchang, zich bij de actie aan. De Britten vuurden op de betogende massa. Er vielen tientallen doden.

1932 Na de dood van een hoge Japanse ambtenaar wreekt het Japanse leger zich door de Chinese wijk van Shanghai te bombarderen. Bij deze actie vallen duizenden doden.

1933 Japan trekt zich terug uit de Volkenbond nadat deze weigert Manchurije te erkennen.

1934 Als Chiang Kai-shek het gebied van de communisten in Jiangxi dreigt binnen te vallen beveelt Mao de contra-revolutionaire elementen uit te schakelen. Duizenden mensen worden geëxecuteerd in wat wel de ‘RodeTerreur’ wordt genoemd.

1934-1935 Mao en zijn revolutionaire strijders worden door het leger van Chiang Kai-shek verdreven. Samen met 100.000 andere Chinezen begint de Grote Leermeester aan zijn Lange Mars van 6000 mijl naar het afgelegen gebied Shaanxi in het westen. Er zijn slechts 7.000 Chinezen die de tocht volbrengen. In Shaanxi ontwikkelen de communisten hun heilstaat op Soviet-basis.

1937 De oorlog tussen Japan en China breekt in alle hevigheid uit na het beruchte ‘Marco Polo Brug Incident’, waarbij Japanse troepen een sloppenwijk buiten Beijing aanvallen. Mao biedt Chang Kai-shek zijn Rode Leger aan om samen tegen de Japanners te vechten.

Tekst: Chris Bajema