Boek Applebaum over lot miljoenen dwangarbeiders Goelag: sovjetwerkkampen

- Zoom
- De Goelag
Vanaf de jaren twintig ontstond een netwerk van strafkampen in de Sovjet-Unie. Tijdens Lenin ging het om politieke tegenstanders, Stalin wilde de Goelag economisch uitbuiten.
Boek Applebaum over lot miljoenen dwangarbeiders
Lopend door Praag constateerde de Amerikaanse Anne Applebaum enige jaren geleden iets vreemds. Er werden allerlei sovjetsouvenirs aan Westerse toeristen verkocht. Zij vroeg zich af hoe het toch komt dat men gewoon met een shirt of pet met bolsjewistische hamer en sikkel kan rondlopen en dat het nazistische hakenkruis taboe is.
Deze kleine observatie van Applebaum geldt ook in het groot. De concentratiekampen van de nazi’s zijn diep doorgedrongen in het bewustzijn van West-Europeanen en Amerikanen. Het uitgebreide netwerk van Russische kampen heeft echter veel minder indruk gemaakt.
Er zijn nauwelijks filmbeelden van en de Russen praten er liever niet over en de gruwelijkheden. Applebaum liet zich niet afschrikken en schreef een overzichtelijk boek over de Goelag. Ze dook de archieven in, bestudeerde de memoires van gevangenen, sprak met oud-kampbewoners en maakte gebruik van de al bestaande wetenschappelijke literatuur over de Goelag.
Miljoenen Russen en buitenlanders hebben als gevangenen het netwerk van concentratiekampen bevolkt, dat ook bekend werd als de Goelag. In de jaren twintig liet Lenin al anarchisten, sociaal-revolutionairen, priesters en edelen naar de concentratiekampen transporteren.
Tot de 1930 bleef hun aantal onder de 200.000, maar nadat Stalin eind jaren twintig de macht in de Sovjet-Unie greep, groeide hun aantal snel. De spectaculairste stijging trad op tussen 1931 en 1941, van 212.000 tot 1.929.000. Begin jaren vijftig, vlak voor Stalins dood in 1953, zaten er zelfs ongeveer 2.500.000 gevangenen vast.
Vanaf 1929 kregen de concentratiekampen een economisch doel. Stalin besloot de gevangenen in te zetten als dwangarbeiders om meer vaart te maken met de industrialisatie. Nieuwe kampen werden voor het groeiende aantal dwangarbeiders ingericht om in onherbergzame ijskoude gebieden aan spoorlijnen, in mijnen of bossen te werken.
De kampen waren dus niet bedoeld om mensen te doden maar voor dwangarbeid. Desondanks was het in sommige delen van de Goelag zeer moeilijk om te overleven. De kampen in Kolyma, hoog in het ijzige noorden, waren bijvoorbeeld berucht. Ook een slechte of ongeïnteresseerde kampleiding kon een hoop schade aanrichten. Verder kon het transport naar de kampen in overvolle treinen met gebrek aan eten en water een ware marteltocht zijn.
De frisse toevoer van nieuwe dwangarbeiders werd in het begin van de jaren dertig voornamelijk veroorzaakt door de meedogenloze strijd van de sovjetstaat tegen de boerenbevolking, die zich verzette tegen de collectivisering van het platteland en de inbeslagname van hun producten, zoals graan. Miljoenen boeren kwamen in die tijd (buiten de kampen) om van de honger, vooral in de Oekraïne.
In het tweede deel van de jaren dertig kwam een nieuw soort gevangene de Goelag bevolken. Volksvijanden, saboteurs, militairen, in ongenade gevallen communisten konden veroordeeld worden tot jaren strafkamp. Om maar niet te spreken van de vele onschuldigen die tijden de Grote Terreur werden opgepakt: mensen die een paar minuten te laat op hun werk kwamen bijvoorbeeld.
Een derde golf gevangene kwam vanaf het einde van de jaren dertig in de kampen terecht. Het waren buitenlandse krijgsgevangenen (bijvoorbeeld Duitsers en Japanners) en gedeporteerde minderheden (bijvoorbeeld Polen en Balten). Russische gevangenen werden in het begin van de oorlog juist vrijgelaten en naar het front gestuurd. Na de oorlog werden veel Russische militairen die buiten de sovjetgrenzen hadden gevochten weer opgepakt.
Naast deze politieke gevangenen zaten er ook ‘gewone’ criminelen in de Goelag. Zij werden door de kampleiding gebruikt om de politieke gevangen te intimideren en in toom te houden. Na de Tweede Wereldoorlog verschoof de macht in de kampen naar de ‘minderheden’ en militairen, die zodanig gehard en georganiseerd waren, dat ze het op konden nemen tegen de criminelen.
Applebaum is op haar sterkst als ze aan de hand van memoires van- en gesprekken met dwangarbeiders (en ondersteund door archiefmateriaal) een sociologisch beeld schetst van het leven in de kampen. De rode lijn in haar verhaal zijn de fascinerende literaire memoires van de politieke gevangen. Door hun ogen laat ze de gruwelijke eigenaardigheden van deze kleine wereldjes zien.
Applebaum schat dat er ongeveer 28,7 miljoen Russische en buitenlandse dwangarbeiders in de Goelag geweest zijn, waarvan er ongeveer 2,75 miljoen in de kampen stierven. Daarbij tekent ze aan dat er ook veel arrestanten buiten de kampen werden geëxecuteerd of omkwamen door de barre omstandigheden, bijvoorbeeld tijdens het transport.
Erg efficiënt werkte het allemaal niet. De gevangen werden slecht gevoed, dus waren ze vaak ziek, of te zwak om hard te werken. Bewakers en specialisten waren er weinig happig op om in de Goelag te werken. De organisatie van het kamp was daarom vaak niet in staat om zaken goed te organiseren. De projecten werden vaak slecht uitgevoerd.
Bovendien moest aan de onmogelijke normen vanuit Moskou worden voldaan. De Goelag voldeed nooit aan de overspannen eisen van Stalin, die de economische effectiviteit zelf ondermijnde door de slavenarbeid in te zetten voor bizarre en onmogelijke projecten. Na zijn dood werden allerlei projecten snel stopgezet.
Joris Smeets
Boek: ‘Goelag. Een Geschiedenis’ van Anne Applebaum
OVT: Goelag: 18 miljoen dwangarbeiders in de sovjetwerkkampen: Fragment OVT 21 september 2003 uur 1 (23 min.) Hans Olink in gesprek met Nancy Adler.
Het Spoor terug: Russische Herfst: deel 1 en 2 (Fragmenten OVT 19 en 26 oktober 2003)
De Nederlandse ingenieur Wim de Wit wordt gearresteerd door Stalins NKVD en verdwijnt in de Goelag in het beruchte Kolyma.