Immigranten en vluchtelingen in Polygoonfilms

- Zoom
- Joods vluchtelingen komen naar Nederland (Polygoon)
Het tragische lot van de gedwongen emigrant, de vluchteling: joodse kinderen in 1938, Oosteuropese ‘ontheemden’ in 1950, Ambonezen in 1951, ‘Chinese’ Russen in 1954, Hongaren in 1956.
‘Op de meeste gezichten stond berusting te lezen’, verklaart het Polygoonjournaal over een groep van Oosteuropese ‘ontheemden’, die hun levensavond in Nederland mochten komen doorbrengen. Deze bejaarden uit Joegoslavië, Polen, Hongarije en de Baltische landen hadden na het einde van de Tweede Wereldoorlog 5 jaar in kampen in Oostenrijk doorgebracht.
Ook een groep Russen, die in 1917 naar China waren gevlucht voor de Russische revolutie, moest in 1954 op zoek naar een nieuwe bestemming. Dit keer gingen ze op de vlucht voor de communisten van Mao en vonden ze hun nieuwe thuishaven in Nederland. ‘In bescheiden mate draagt ons land daarmee bij tot de leniging van de nood, waarin het grote vluchtelingenleger van deze naoorlogse wereld thans nog verkeerd’, verklaart het Polygoonjournaal.
In 1956 kwamen er groepen Hongaren per trein naar Nederland, op de vlucht voor de Russische inval. ‘De spanning en de vermoeienissen van de afgelopen dagen waren op de gezichten der gevluchten duidelijk afgetekend. Onder hen bevinden zich mannen, die enkele dagen tevoren met het geweer in de hand vochten voor de vrijheid van hun land’, meldt het Polygoonjournaal. De Hongaren waren populair: 'De Hongaren die in ons land worden opgenomen mogen zich gedragen weten door de warme sympathie en de steun van het hele Nederlandse volk.'
De wereldwijde dekolonisatie ging niet aan Nederland voorbij. Ambonezen werden met schepen naar Nederland gebracht, maar ze waren niet van plan om voor eeuwig te blijven. ‘Allen hopen ze dat het verblijf, dat zij overigens vrijwillig aanvaard hebben, slechts tijdelijk zal zijn en dat zij eens weer zullen kunnen terugkeren naar hun eigen vaderland.’
Iets van de melancholie van de vluchteling is voelbaar in een tekst van het Polygoon bij beelden van het vervoer van de Ambonezen met bussen naar Amersfoort: ‘In de wagens zaten zij stil voor zich uit te staren. Hier geen golvend landschap met door de zon beschenen sawa’s, hier alleen maar vlak laag land onder laaghangende grauwe regenwolken.’