Polygoon over kinderen
Deze week staat in het teken van de vijftigste Nederlandse Kinderboekenweek. Polygoon, nimmer vies van een stukje moralisme, vertelt vijftig jaar lang over het wel en wee van Nederlands kleinste mensen. In de bioscoopjournaals vertonen kinderen hun kunsten op een voorleeswedstrijd of pianoconcours, maar ook komen de opvoedkundige aspecten van zwemlessen en fietsexamens voorbij...
Agent: 'Kom jij eens even hier vriendje! Hoe komt het dat je nu een verkeersfout maakt? Je ziet toch wel dat de verkeersagent een stopsein geeft. En nu rijd je door!'
Jongetje: 'Ja meneer, ik zie het wel.'
Agent: 'Wat is de oorzaak daarvan, heb je je vergist?'
Jongetje: 'Nee, meneer.'
Agent: 'Heb je dat dan niet anders geleerd?'
Jongetje: 'Nee meneer, wij hebben op school geen verkeerslessen.'
Zie ze spelen! Zie ze lachen! Zie ze aanvallen op de boterhammen! In de jaren twintig is het heel gebruikelijk dat kinderen uit de 'lagere klassen' een korte vakantie wordt gegund. Een bootreis of een speciale 'vacantie-school' in Nunsspeet behoren tot de opties.
In 1903 had de Amsterdamse gemeenteraad een einde gemaakt aan een oud privilege van de jeugd. Tot dan toe mochten zij eens per jaar trommelen in de koopmansbeurs. Maar in 1953 geeft burgemeester d'Ailly dat privilege ‘met de hem eigen gratie’ aan de jeugd terug. ‘Er wordt met een hartstocht geroffeld als wil men de schade van vijftig jaar stilte in de Koopmansbeurs inhalen.’ En godzijdank, ‘van nu af aan zal de Beurs weer worden bevolkt door jongelui die het in luidruchtigheid zeker van de kooplui zullen winnen.’
Gevaar ligt overal op de loer, vooral in het waterrijke Nederland. ‘Acht miljoen van de twaalf miljoen Nederlanders kunnen niet zwemmen, en dat is een schandelijk hoog aantal in dit land!’ Revolutionair is het zwemonderwijs aan kleuters, van Dick Schermer in 1962. ‘Het gaat om het wegnemen van vrees. Kinderen kunnen vrij spartelen in het lekker verwarmde bad en drijvende ballen helpen hen vanzelf het hoofd boven water te houden.’ Dit moet een einde maken aan het hoge aantal verdrinkingsdoden onder kinderen van de jaren daarvoor. ‘Alhoewel’, laat het Polygoon niet na te zeggen, ‘kan men zich wel eens afvragen of sommige ouders het gevaar niet bewust opzoeken.’
