Main Content

19 december 1977 – 4 november 1982 Mr. A. A. M (Dries) van Agt

  • 9 december 2005
Zoom

Je hebt transformatorische en conserverende leiders. Transformatorisch zijn bijvoorbeeld Cals en Den Uyl. Ze lopen voorop in veranderingsprocessen en maken grote kans daarmee de geschiedenisboeken te halen. Maar ook conserverend leiderschap kan van historische waarde zijn. Bijvoorbeeld als de premier zich opwerpt als hoeder van fundamentele waarden. Ook daar kennen we voorbeelden van. 'Ethisch Reveil', waarvan de geestelijke vader niemand minder is dan premier Dries van Agt.

19 december 1977 – 4 november 1982

Hij had er niet zoveel succes mee als zijn latere opvolger Balkenende. Maar de tijden waren misschien nog niet rijp voor 'een krachtig herstel van de christelijke normen en waarden in de Nederlandse samenleving', waartoe Van Agt in 1977 opriep. Het had wel een ander effect. Van Agt markeerde zijn entree in het Catshuis. Voortaan zou alles anders zijn dan toen Ome Joop daar nog zat.

Wie herinnert zich niet de beroemde foto in restaurant 'Le Bistroquet'. Van Agt en Wiegel die hun formatiecoup beramen om Den Uyl, ondanks diens enorme verkiezingsoverwinning, zijn tweede kabinet door de neus te boren. We zien twee schelmen die zojuist 'the grand old man', hun beider object van intense afkeer, een enorme poets hebben gebakken. Het anders zijn dan Den Uyl gaat in toenemende mate het doen en laten van Van Agt bepalen en wordt uiteindelijk de 'raison-d'être' van zijn premierschap.

Was Den Uyl een typische calvinist, Van Agt koketteert met een soort katholicisme dat in de Nederlandse kerkprovincie goeddeels verdwenen leek. Hoewel de eerste premier namens het oecumenisch Christen Democratisch Appèl, lijkt hij voortdurend naar de volgende mis te verlangen. Was Den Uyl een aan de politiek verslaafde professional, Van Agt cultiveert zijn afkeer van het politieke bedrijf en weet zich daarmee net als de andere 'amateurs' De Quay, Zijlstra en De Jong enorm populair te maken. 'Hans Wiegel en ik kunnen relativeren en lachen, ook om onszelf', zei hij dan, en wreef de hele PvdA maar weer eens in dat ze de politiek veel te serieus namen.

Met het nachtelijke vergaderen is het natuurlijk afgelopen. Het wordt vijf hooguit zeven uur in de namiddag. Sliep Den Uyl drie uur per nacht, Van Agt zit zelden voor tien uur à half elf achter zijn bureau. Komt op afspraken meestal een uur te laat. Meldt zich regelmatig ziek; Wiegel kan de boel immers ook voorzitten. Op belangrijke momenten kan hij spoorloos verdwenen zijn. Dan duikt hij na verloop van tijd op bij de Tour de France. Want waar voor andere politici voetbal verplichte kost is, heeft Van Agt gekozen voor het wielrennen. Waaraan hij vrijwel zijn hele repertoire aan beeldspraak ontleent.

Zijn regeerperiodes zijn 'etappes', zijn kabinetten 'equipes'. Zijn 'stalen ros' brengt hem geregeld in de die typische sferen van de Zuidelijke Nederlanden: kerk, kroeg en Abdijbier. Ook de zee inspireert hem. Nu eens moet hij zijn 'rubberen bootje, door zware stormen geteisterd, door de klippen loodsen', dan weer voelt hij zich een 'schotsspringer in de Waddenzee'.

Hij is kortom 'voor de duvel niet bang', maar waar velen hadden gehoopt dat hij het echt anders dan Den Uyl zou doen, laat hij het lelijk afweten. De schulden lopen onder het kabinet van de 'puinruimers' Van Agt en Wiegel nog verder op.

Nog eenmaal brengt een verkiezingsuitslag dit noodlotsduo bijeen: in 1981 wordt Den Uyl vice-premier onder Van Agt. Volgens het dagboek van coalitiegenoot en D'66-leider Terlouw ging dat zo: 'Als Dries ook eens wat zegt zit Den Uyl na een halve minuut onrustig te schuiven op z'n stoel en na vijfenveertig seconden begint hij te interrumperen'.

Het duurt niet langer dan een half jaar. Dan is ook dit kabinet van onze koene katholiek, zijn laatste, uit zijn lijden verlost.

Rudi Boon