Polygoon en het milieu

- Zoom
- De Weerribben, een uniek natuurgebied in Noordwest-Overijssel
Het milieu is weer in. De Partij voor de Dieren kwam met twee zetels in de Tweede Kamer en dankzij de film van Al Gore en de lezing van Bill Clinton staat het milieu ook internationaal weer hoog op de agenda. De natuur wordt bedreigd en moet beschermd worden. Polygoon zag natuurbeschermers als Jac. P. Thijsse, prins Bernhard en Greenpeace in actie. En filmde de natuur en de bedreigingen ervan.
Natuur is mensenwerk in Nederland, zoals bijvoorbeeld in het natuurreservaat de Weerribben in Overijssel. Eerst was het een gebied voor turfstekers, daarna voor vissers en later voor riettelers. Tenslotte namen de biologen de Weerribben over, constateert Polygoon:
‘Zo blijven er altijd mensen bezig in dit gebied, waar de natuur niet stilstaat maar zich gecontroleerd blijft ontwikkelen. De mens zorgt ervoor dat het eigen karakter van de Weerribben voor het nageslacht bewaard blijft.’
Olie kan roet in het eten gooien in de natuur, zoals olievervuiling in de rivier de Amer. Vogels hadden er zwaar onder te lijden, maar werden zo goed en kwaad als het ging weer schoongeboend en teruggezet in de natuur.
Polygoon: ‘Het meeste succes heeft men bij de zwanen, vooral als die in een vroeg stadium gevangen konden worden. Zij zullen na enige tijd weer in vrijheid worden gesteld. En ze zullen zich dan kunnen voegen bij de tienduizenden vogels die in deze tijd over ons land trekken.’
Voorvechters voor de natuur zijn Jac. P. Thijsse, Greenpeace en prins Bernhard, die reeds in 1963 voorzitter werd van het Natuur Noodfonds. ‘Ik doe dat, omdat ik er heilig van overtuigd ben dat de natuur, en daarmee de mensheid, in nood is. Een noodtoestand die nog veel te weinig wordt onderkend’, sprak de prins voor de camera van Polygoon.
‘Wij moeten de natuur helpen, beschermen en redden. Overal ter wereld is deze natuur in nood. De wereld is te klein geworden om natuurbescherming als een lokaal of nationaal belang te beschouwen. Internationale natuurbescherming is geen liefhebberij, maar een plicht van heel de mensheid.’