Main Content

Ouderwetse religie dient alleen nog als moreel-sociaal cement Gelovigheid neemt af

  • 14 april 2007
Zoom

Nederland zou al weer een aantal jaren een zogenoemde opleving van religie kennen. God zou terug van weggeweest zijn en geloven zou weer aan aanzien winnen. Die veelgehoorde conclusie is in strijd met de feiten. Zo blijkt uit ‘God in Nederland’, een periodiek onderzoek naar kerk en geloof. Nederlanders geloven weer minder dan bij het vorige onderzoek, elf jaar geleden, en bezoeken ook minder frequent een kerk. Ook het behoud van kerken als zodanig kan minder mensen iets schelen, 78 % van de ondervraagden van nu hecht hier aan, in 1996 was dit nog 85%. Belangrijkste uitkomst van het onderzoek is dat Nederlanders vooral hechten aan het geloof bij anderen. Religie, zo zegt 74% van de deelnemers aan het onderzoek, dient een algemeen belang, is vooral belangrijk voor het behoud van waarden en normen.

Ouderwetse religie dient alleen nog als moreel-sociaal cement

‘God in Nederland’, een oorspronkelijk katholiek initiatief, bracht voor het eerst een rapportage uit over de toen nog voorzichtig toenemende onkerkelijkheid hier te lande in 1966. Sindsdien meet het onderzoek zo ongeveer om de tien jaar de religieuze stand van zaken in de polder.

Nederland kan volgens de onderzoekers van de huidige editie nog wel christelijk genoemd worden, maar is allang geen christelijke natie meer in klassieke zin. Geloven is steeds minder iets kerkelijks geworden en steeds meer iets persoonlijks. Zo bidden nog altijd twee op de drie Nederlanders wel eens, maar dan op eigen wijze, en zelfs van de groep ‘ongelovige buitenkerkelijken’ zegt een kwart zo nu en dan eens een gebed te prevelen. ‘De dood blijkt het vaakst aanleiding tot gebed. Ook steekt een op de twee Nederlanders ‘wel eens een kaarsje op voor iets of iemand’.

Groepsgewijs heeft religie alleen nog betekenis als sociaal-moreel cement van een geïndividualiseerde samenleving. Maar probleem is dat steeds minder mensen willen horen bij de groep gelovigen die het geloof uitdragen dat men zo belangrijk acht bij ‘opvoeding van kinderen’ en het bij het overdragen van ‘waarden en normen’.