Rechters in Mexico oordelen over nationaal trauma Olympisch bloedbad 1968 was genocide
Vlak voor aanvang van de Olympische Spelen van 1968 in Mexico werden honderden studenten doodgeschoten, die protesteerden tegen de enorme kosten van dit evenement. Het IOC zei daarna: “Deze Spelen zijn een ware oase in een wereld vol moeilijkheden.” De rechters van nu zeggen dat het volkerenmoord was, maar wijzen nog steeds geen schuldige aan. Er worden trouwens nog steeds lijken gevonden.
Rechters in Mexico oordelen over nationaal trauma
Het nationale trauma van Mexico vond plaats op 2 oktober 1968, vlak voor het begin van de Olympische Spelen in dit land. Om aandacht te vragen voor de enorme kosten van dit evenement voor een arm land als Mexico werd een studentendemonstratie georganiseerd. Deze werd bloedig neergeslagen tijdens het zogenaamde Bloedbad van Tlatelolco. Officieel verloren minstens 26 mensen het leven, maar nader onderzoek doet eerder vermoeden dat er 300 doden zijn gevallen. Bijna veertig jaar later zijn de verantwoordelijken nooit berecht.
In die tijd was Luis Echeverria minister van binnenlandse zaken en werd vanaf 1970 president van Mexico. Hij wordt door velen verantwoordelijk gehouden voor het bloedbad, maar heeft zelf altijd ontkend. In zijn verweer zegt hij dat hij pas na afloop via een telefoontje hoorde wat er was gebeurd.
Al jaren loopt er een nieuw onderzoek tegen hem, om de oude minister alsnog te veroordelen. De Mexicaanse rechters hebben nu geoordeeld dat niet bewezen kan worden dat Echeverria verantwoordelijk is geweest. Wel is gezegd dat het Bloedbad van Tlatelolco niets minder is geweest dat genocide, volkerenmoord.
Zoals de rechtbank zei in het vonnis: “De autoriteiten hebben nauwgezet een actie voorbereid en uitgevoerd met als doelmerk het uitschakelen van een nationale groep van studenten van verschillende universiteiten.”
Dit Mexicaanse drama is in Nederland relatief onbekend, omdat de vader van prinses Maxima in een ander voormalig dictatoriaal land verantwoordelijkheden droeg. Toch is het een zwarte bladzijde van de geschiedenis van de Olympische Spelen, omdat er een direct verband bestaat tussen dit evenement en het bloedbad. Tenslotte vroegen de studenten zich af of het wel zo verstandig was om in een arm land zo’n groot evenement te organiseren.
De reactie van IOC-voorzitter Avery Brundage na het bloedbad is ronduit stuitend: “Als gasten van Mexico hebben wij het volste vertrouwen dat de Mexicaanse bevolking samen met de deelnemers en toeschouwers de Spelen zal meevieren. Deze zijn een ware oase in een wereld vol moeilijkheden.” Hij sprak met geen woord over de hoge kosten van het evenement, die mede de aanleiding waren voor de protesten.
Heel opvallend is dat twee jaar later in hetzelfde Mexico ook het WK Voetbal werd gehouden. Ook dit was eigenlijk veel te duur voor het arme land. Als er ooit nog eens een journalist of onderzoeker zich op dit onderwerp stort, duikt deze vast in de diepste en akeligste spelonken van de internationale sportpolitiek.
Er worden nu nog lijken van 1968 teruggevonden. Beter gezegd: na ruim 25 jaar durft architect Rosa María Alvarado Martínez te vertellen dat er onder een ziekenhuis in de wijk Tlatelolco drie lichamen zijn gevonden. Zij bouwde het hospitaal en werd na de vondst in 1981 gedwongen te zwijgen over wat ze zag. Als ze zou praten, zou haar zoon worden ontvoerd.
