Proefschrift werpt nieuw licht op Nederlands beste maar vergeten premier Cort van der Linden moest neutraliteit bevechten
Pieter Wilhelm Adriaan Cort van der Linden was premier van 1913 tot 1918. Hij wist ons land niet alleen buiten de eerste wereldoorlog te houden, maar wist bovendien de schoolstrijd te beslechten en het algemeen kiesrecht in te voeren. Tot op heden is aangenomen dat Cort van der Linden politieke koehandel bedreef. Hij zou de gelijkstelling van het bijzonder onderwijs 'geruild' hebben tegen de acceptatie van het 'goddeloze' algemeen kiesrecht door de confessionelen. Dat blijkt niet het geval, zo leert de eerste en net uitgekomen biografie van Cort van der Linden. De ogenschijnlijk zo gemakkelijke neutraliteitspolitiek moest de premier bevechten op een vechtlustige koningin en haar generaal.
Proefschrift werpt nieuw licht op Nederlands beste maar vergeten premier
Vijf jaar geleden werd hij door de Nederlandse parlementariërs verkozen tot belangrijkste minister-president van de 20e eeuw. Toch is er tot nog toe in de historische literatuur nauwelijks aandacht aan Cort van der Linden besteed.
Na de eerste wereldoorlog werd hij van links tot rechts vereerd, als nationaal politicus en als man die boven de partijen stond. Koningin Wilhelmina verleende hem de hoogste onderscheidingen en tot zijn dood in 1935 was hij een van haar belangrijkste adviseurs. Bij zijn overlijden werd hij in de pers dan ook als een soort 'vader des vaderlands' beschreven. Niet verwonderlijk dus, dat hij de enige politicus is die staat afgebeeld op het gedenkraam dat in 1938 in de Nieuwe Kerk in Amsterdam werd onthuld, ter gelegenheid van het 40-jarig regeringsjubileum van Wilhelmina. Ondanks dat alles geniet hij tegenwoordig veel minder bekendheid dan tijdgenoten als Kuyper en Colijn, of latere premiers als Drees en Den Uyl.
Dat gebrek aan aandacht voor Cort van der Linden wordt nu enigszins goedgemaakt door de bijna 900 pagina's tellende biografie die komende week verschijnt en waarop de auteur, Johan den Hertog, aanstaande woensdag gaat promoveren.
Het is een politieke biografie, en de ondertitel van het boek is niet voor niets "minister-president in oorlogstijd". Want, hoewel Van der Linden 89 jaar oud is geworden, staat de periode 1913-1918 centraal. Den Hertogs studie levert een nieuwe kijk op, op zowel de Nederlandse neutraliteitspolitiek, als op de manier waarop kiesrecht en onderwijspacificatie werden doorgevoerd.
Cort van der Linden was een partijloze liberaal van 19e eeuwse signatuur. Toen hij in 1913, op 67 jarige leeftijd, premier werd, had hij er al een lange carriere als hoogleraar en lid van de Raad van State opzitten.
Hij was in die tijd al lang een vertrouweling van koningin Wilhelmina. Het was in 1913 dan ook niet verwonderlijk dat Wilhelmina een beroep deed op Cort van der Linden om een kabinet te formeren, nadat de voor de hand liggende partijen er niet uit bleken te komen, omdat de linkervleugel van de SDAP van Troelstra de socialistische deelname aan een sociaal liberaal kabinet had gedwarsboomd.
Cort van der Linden, die wars was van partijpolitiek, vormde daarop in het diepste geheim een extraparlementair liberaal kabinet, met als voornaamste doelstellingen: invoering van Staatspensioen en een grondwetsherziening, waarin het algemeen kiesrecht geregeld zou worden. Door het uitbreken van de eerste wereldoorlog in 1914 werd het handhaven van de neutraliteitspolitiek uiteindelijk echter de belangrijkste bezigheid van Cort van der Linden en zijn kabinet.
Tegenwoordig is het beeld van de neutraliteitspoltiek van Nederland tijdens de eerste wereldoorlog negatief. Het zou een passieve politiek geweest zijn, waarbij het kabinet zich afwachtend opstelde. Het tegendeel was waar.
Den Hertog laat op overtuigende wijze zien, zien dat het het uiterste van Cort van der Linden heeft gevergd om Nederland buiten de oorlog te houden. Hij had hierbij niet alleen met buitenlandse druk vanuit zowel Duitse als geallieerde kant te maken, maar ook met de binnenlandse pers die partij koos, met ministers die het niet eens waren met elkaar en met het hoofd van de strijdkrachten Generaal Snijders en met de bemoeienis van Wilhelmina. Zowel de Duitsers als de geallieerden hebben op het punt gestaan Nederland 'preventief' te bezetten.
Dat dat niet gebeurde is goeddeels te danken aan het behendig laveren tussen de oorlogvoerende partijen door Van der Linden en zijn minister van Buitenlandse Zaken Loudon. Kortom de neutraliteitspolitiek was niet passief, maar is een duidelijk actieve en effectieve politiek gebleken
Een andere mythe die door dit boek wordt ontkracht, is die van de 'koehandel' die zou hebben plaatsgevonden met kiesrecht en onderwijs. Confessionelen zouden het algemeen kiesrecht hebben geaccepteerd in ruil voor gelijkstelling van het bijzonder onderwijs en op hun beurt zouden de liberalen als tegenprestatie de gelijkstelling hebben aanvaard. Voor de VVD was dat onlangs nog aanleiding om het bijzonder onderwijs weer ter discussie te stellen.
Uit de biografie van Den Hertog blijkt echter dat Cort van der Linden, en met hem de grote meerderheid van zijn liberale kabinet, een groot voorstander was van de gelijkstelling van het confessioneel met het algemeen onderwijs. De onderwijsregeling was geen koehandel, maar kwam onafhankelijk van de grondwetswijziging tot stand. Nog tijdens zijn leven werd er daarom nog een bijzondere school naar Cort van der Linden vernoemd.
Bijzonder, voor een man die tot het eind van zijn leven niet alleen een tegenstander bleef van partijvorming, maar ook van de verzuiling.
Paul van der Gaag
Zondag in OVT, een gesprek met de biograaf
Johan den Hertog, 'Cort van der Linden(1846-1935)
Minister-president in oorlogstijd. Een politieke biografie', Uitgeverij Boom
Extra afbeeldingen
- Zoom
- kabinet
- Kabinet Cort van der Linden
