Main Content

Oud-verzetsman in Berlijn overleden Bij de dood van Eberhard Rebling

  • 5 augustus 2008
Eberhard Rebling in 2006
Zoom
Eberhard Rebling in 2006

Zesennegentig jaar oud werd hij, Eberhard Rebling, een Duitse professor in de musicologie, die in de tweede wereldoorlog voor Nederlanders een heel bijzondere, levensreddende rol heeft gespeeld. Dit weekend is hij in zijn woonplaats Berlijn overleden aan de gevolgen van een dubbele longontsteking.

Oud-verzetsman in Berlijn overleden

door Ad van Liempt

Eberhard Rebling ontvluchtte in 1938 zijn geboorteland, Duitsland. Hij was sterk anti-nazi, en weigerde in de Wehrmacht te dienen. Hij vertrok naar Nederland, waar hij een Nederlands meisje leerde kennen, Rebecca Brillenslijper. Zij was joods, op grond van de rassenwetten was een huwelijk tussen de twee niet mogelijk. Rebling en zijn Rebecca huurden een enorm groot, vrijstaand huis in Huizen, het “Hoge Nest” genaamd. Rebling woonde daar onder de naam Bos, zijn vriendin liet zich Van der Horst noemen. Ze namen een groot aantal joodse onderduikers in huis, veelal familieleden van Rebecca. Gedurende een groot deel van de oorlog waren er rond de vijftien mensen in huis. Rebling organiseerde de onderduik, de bonnen, het voedsel, alles.

Premie per arrestant

Op 10 juli 1944 sloef het noodlot toe. Eddy Moesbergen, in 1943 eerst een vooraanstaand lid van de “jodenjagers-organisatie” Colonne Henneicke en daarna op hetzelfde vlak actief voor de Sicherheitspolizei, had een tip gekregen over het Hoge Nest. Hij eiste al geruime tijd, onder bedreiging, adressen van joodse onderduikers op van een vrouw uit het Gooi. Kort tevoren had ze hem het adres van een zekere Bos gegeven, uit angst zelf te worden gedeporteerd. Moesbergen had geen idee wat hij er zou aantreffen. Hij had tevoren geen vervoer geregeld, en bleek uiteindelijk een vrachtwagen nodig te hebben.

Moesbergen had een groep maten bij zich, Nederlanders die voor de Sipo op jacht naar joden gingen en daar, naast hun salaris, een premie per arrestant aan overhielden. Het tarief was in de laatste anderhalf jaar verhoogd van 7,50 tot 40 gulden. Het “Hoge Nest” leverde een toppremie op: er waren die dag veertien mensen aanwezig. Het duurde overigens twaalf uur voor die allemaal uit de diverse schuilplaatsen waren verjaagd. Pas ’s avonds om tien uur kwamen de laatste uit een verborgen kast.

Onraad

In de loop van de dag waren nog twee joodse onderduikers in de val gelopen. Janny Brillenslijper, de zus van Reblings vriendin, had met haar toen vierjarige zoontje boodschappen gedaan. Ze zag, toen ze het Hoge Nest naderde, dat er iets mis was: er was een vaas voor het zolderraam weggehaald, het afgesproken teken van onraad. Janny wilde omkeren, maar haar zoontje was al vooruit gehuppeld en stond al voor de deur. Ze moest een gruwelijke afweging maken: ze koos voor haar zoontje en ging hem achterna. Bij de deur werd ze direct tegen de grond geslagen en gearresteerd.

Het lukte Rebling en zijn vrouw om de drie kinderen die in het huis woonden voor deportatie te behoeden: omdat zij halfjoods waren mochten zij, in afwachting van verder onderzoek, zolang bij de plaatselijke huisarts worden ondergebracht. Vandaar verdwenen ze direct in de onderduik. Twaalf bewoners van het Hoge Nest kwamen in de concentratiekampen terecht, de meesten zaten in de laatste trein die van Westerbork naar Auschwitz reed, op 3 september 1944, de trein waarin ook Anne Frank en haar familie zat. Van die twaalf zijn er vijf teruggekeerd, onder wie Reblings vrouw Rebecca en haar zus Janny.

Ontsnapt

Rebling zelf, die werd vastgehouden door de Sicherheitsdienst in de Amsterdamse Euterpestraat, heeft kunnen ontsnappen. Hij werd een keer in een soort arrestantenbus vervoerd en kon profiteren van de paniek die ontstond toen zijn schoonzuster zich op een bewaker liet vallen. Hij bleef voor de nazi’s onvindbaar.

Na de oorlog zijn Rebling en zijn vrouw herenigd – ze had Auschwitz en Bergen Belsen overleefd. Rebling, die een overtuigd communist was, heeft enige jaren als muziekredacteur bij de communistische partijkrant De Waarheid gewerkt. In 1952 is het echtpaar verhuisd naar het oosten van Duitsland. Daar werd Rebling een vooraanstaand hoogleraar in de musicologie.

Het duurde tot oktober 2007 voor de verdiensten van Eberhard Rebling tijdens de tweede wereldoorlog werden gehonoreerd met de Yad Vashem-onderscheiding. Rebling kreeg die uitgereikt door de Israelische consul in Berlijn.