Main Content

Waar zijn KNMI en ANWB als ze nodig zijn? De dodelijke novemberstormen van 1928

  • 25 november 2008
Door de storm van 1928 stond Barendrecht onder water
Zoom
Door de storm van 1928 stond Barendrecht onder water

Het KNMI en de ANWB lieten exact tachtig jaar geleden geen alarm op Nederland los toen de barometers met slecht nieuws kwamen. Enorme stormen zorgden toen voor een grote ravage in heel Europa. Alleen al in Nederland vielen er 58 doden bij verschillende schipbreuken.

Waar zijn KNMI en ANWB als ze nodig zijn?

In de laatste weken van november 1928 werd Europa tot twee keer toe getroffen door noodweer. Op 17 november ‘vloog de titan met een kolossale vaart door de straten’, aldus de kranten de volgende dag. In Engeland vielen twintig doden, waarna het Engelse ministerie van luchtvaart meldde dat er een nieuwe orkaan vanuit Ierland onderweg was. Daarbij zat de geruststellende opmerking ‘dat men verwacht dat die niet zoo hevig zal zijn als die van gisteren.’ Helaas zou het een dag of tien later veel erger worden.

In Den Haag en Leiden zorgde die eerste storm van 17 november voor een merkwaardig verschijnsel: er werd een groen goedje aangetroffen op de leidingen voor de trams. Daardoor ontstond kortsluiting en liep het openbaar vervoer vertraging op. Niemand wist echter wat dat groene spul nu was, zodat het Rijkslaboratorium in Leiden een onderzoek deed. Die vond uit dat het zouten waren, ‘welke door den stormwind uit zee zijn meegevoerd en die zich hebben opgelost in den waterdamp van de lucht.’

Een week later, 23 november, liepen de windsnelheden weer snel op. In Londen haalden deze op bepaalde tijdstippen soms een snelheid van tachtig mijl per uur, meer dan 130 kilometer per uur. Dat zijn extreem zware rukwinden, die zeer zeldzaam zijn.

Het bracht Nederland opnieuw enorme overlast. Op Terschelling werd een dijkbreuk net voorkomen. Barendrecht werd bedreigd door water, nadat een buitendijk in de buurt was gebroken. Puttershoek stind al onder water. En kok elders was er hoog water, zoals in Ilpendam, Amsterdam, Zwolle en IJmuiden. Antwerpen had zelfs enkele dagen lang geen schoon drinkwater door de overstromingen.

In de ziedende wind gingen veel schepen ten onder, of werden juist op het nippertje gered. In veel gevallen ging het echter helemaal mis. Het grootste drama was bij Zandvoort, waar het Italiaanse stoomschip Salento met 32 opvarenden verging. Een dag daarna stond er een droevig lijstje in de kranten, waaruit bleek dat er maar liefst 58 doden waren gevallen tijdens de laatste storm:

Bij de Tjalk Noordster bij Terschelling: 12
Bij de Malmö bij Ameland: 3
Bij een schip bij Hardinxveld: 2
Bij de stranding van de Christian Michelsen bij Hoek van Holland: 3
Bij de Salento: 32 (Plus één redder, dus 33)
En de Nieuwe Zorg bij Steenbergen: 5

Het was het begin van een lange en heftige winter. Uiteindelijk werd die afgesloten met een heuse Elfstedentocht op 12 februari 1929. En ook de dag hiervoor was er geen ANWB of KNMI te bekennen om een ijsalarm te geven.