Main Content

Geheel waterdicht was Nederland nooit Veerman presenteert rapport Tweede Deltacommissie

  • 3 september 2008
De Allerheiligenvloed, verbeeld door Hans Moser
Zoom
De Allerheiligenvloed, verbeeld door Hans Moser

Vijfenvijftig jaar na het eerste Deltaplan heeft Nederland nu een opvolger. Volgens de Tweede Deltacommissie eist de kustbescherming van Nederland vele miljarden. De commissie, onder leiding van oud-minister Cees Veerman, gaat uit van een zeespiegelstijging van meer dan een meter deze eeuw. Bovendien daalt West-Nederland sterk door inklinking. Veerman en consorten zien kustversterking en - uitbreiding als de oplossing. Zo is er na tientallen jaren van bestuurlijke apathie weer een stap in de richting van daden genomen. En dat is nodig, want de geschiedenis leert dat onze waterbestendigheid regelmatig op de proef wordt genomen. Als we de weervoorspellingen mogen geloven zal dit alleen maar vaker gebeuren. Duik in ons verleden van dijkaanleg, stormvloed en proef van enkele doemscenario's.

Geheel waterdicht was Nederland nooit

Zolang er mensen wonen, heeft het water zich opgedrongen aan Nederland. Gedurende de middeleeuwen worden Nederlanders tenminste dertig keer getijsterd door overstromingen en watersnoden, vanuit zee, de rivieren, of de lucht. De rampen zijn vaak van enorme omvang. Hun namen - van de heilige die bij de betreffende dag hoorde - zijn prachtig en doen daarom nogal morbide aan: Sint Marcellusvloed, Allerheiligenvloed, Sint-Elizabethsvloed... Berucht is de Sint Julianavloed in 1164, waarbij duizenden doden vallen in Groningen en Friesland. Of de Sint-Luciavloed in 1287, waarbij 50 tot 80 duizend mensen omkomen. Gedwongen door dit terugkerende gevaar ontwikkelt Nederland een traditie van vechten tegen dit water. Sinds het prille begin bouwen Nederlanders driftig aan dijken, verhogingen (terpen) en polders om land veilig te stellen.

Zo worden er al in 1677 plannen gemaakt om de Zuiderzee van de Noordzee af te sluiten, om overstromingen in omliggende gebieden te voorkomen. Pas in 1927 voert men het plan uit, onder leiding van ingenieur Cornelis Lely. Vijf jaar lang bouwen dijkwerkers aan de 32 kilometer lange dam, zonder moderne meetapparatuur of computers. Hierdoor oogst het waterbouwwerk wereldwijd nog steeds veel lof. In september 1933 opent de directeur-generaal der Zuiderzeewerken de Afsluitdijk voor het verkeer. De Zuiderzee wordt daarna omgedoopt tot IJsselmeer en het water ten noorden van de dijk wordt onderdeel van de Waddenzee.

Hoewel Rijkswaterstaat al begin jaren ’20 erkent dat de Nederlandse kust op veel plaatsen te zwak is, krijgen projecten als de Afsluitdijk in de strijd tegen het water de voorrang. Zeeuwse wateren als de Grevelingen en de Oosterschelde zijn hierdoor nog geheel open zeearmen. Juist daar lijdt Nederland bij zijn strijd een pijnlijke nederlaag. Een verwoestende combinatie van noordwesterstorm en springtij breekt in de nacht van 31 januari op 1 februari 1953 de dijken in Zuidwest Nederland open. De polders erachter overstromen en ongeveer 1800 mensen komen om het leven.

In het kielzog van de ramp start de politiek een discussie over dijkbeveiliging. Drie weken na de overstroming wordt de Deltacommissie aangewezen om een waterdicht plan te ontwerpen. Dit Deltaplan uit 1955 adviseert drastische dijkverhogingen en afsluitingen van gevaarlijke wateren. Een wetswijziging in 1957 (de Deltawet) moet deze aanpassingen mogelijk maken.

In 1997, na vijftig jaar werk, is de uitvoering van het Deltaplan voltooid. De stormvloedkering bij de Oosterschelde is met een 8 kilometer lange dam het grootste project. Deze wordt in 1986 feestelijk geopend door koningin Beatrix. Andere bekende onderdelen van het plan zijn de stormvloedkering bij Hollandse IJssel, de Haringvlietdam en de Maeslantkering. De Deltawerken oogsten wereldwijd lof en geven Nederlanders met recht de reputatie van strijders tegen het water.

Dat er zwakke plekken blijven, blijkt tijdens de kerstdagen in 1993. De Maas treedt door overvloedige regenval bij de Limburgse dorpjes Itteren en Borgharen buiten haar oevers en zet 8 procent van de provincie blank. Het waterpeil bereikt een stand van ruim 45 meter boven N.A.P. en veroorzaakt voor 50 miljoen gulden aan schade. Twee jaar later is het weer raak. De bevolking wordt preventief geëvacueerd en ziet dat bij Borgharen opnieuw een waterpeil van zo'n 45 meter wordt bereikt. Net als in 1993 komen er geen mensen om het leven.

Klimaatverandering zal niet alleen een stijgende zeespiegel tot gevolg hebben, maar betekent ook een grote wijziging van de watertoevoer vanuit de rivieren en de lucht. Dit betekent: meer en heviger watersnoodrampen. De huidige Deltacommissie onder Cees Veerman is aangewezen om tegen zulke rampen een strijdplan te ontwikkelen. Kwetsbare - en leefbare - plekken worden daarin verwoord, evenals een plan van aanpak.

Bekijk en beluister een gulle greep uit de archieven: overstromingen in 1916, 1924 en 1936, de aanleg van de Afsluitdijk en natuurlijk de watersnoodramp in 1953. Hoe het afloopt met ons lage landje? Jos de Putter schetst in zijn 'Het verloren land' een angstaanjagend overtuigend toekomstbeeld...