Main Content

Nationale ombudsman presenteert onderzoeksrapport Benoeming Rijksarchivaris had schijn van partijdigheid

  • 24 februari 2009
<p>Martin Berendse, hier in gesprek met de NOS</p>
Zoom

Martin Berendse, hier in gesprek met de NOS

Het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft de schijn van partijdigheid gewekt bij de benoeming van de huidige Rijksarchivaris. De gevolgde procedure is overigens wel correct geweest. Dat zegt de Nationale ombudsman, Alex Brenninkmeijer, vandaag in een onderzoeksrapport. “Op twee punten is de schijn van partijdigheid gewekt.”

Nationale ombudsman presenteert onderzoeksrapport

In september 2007 werd Martin Berendse benoemd tot directeur van het Nationaal Archief en, op termijn, tot Algemeen Rijksarchivaris. In het rapport van de Nationale ombudsman staat:

'De benoemingsprocedure voor een nieuwe rijksarchivaris heeft vorig jaar in de archiefwereld tot opschudding geleid. In strijd met de Archiefwet bleek een archiefdiploma in de vacaturetekst geen vereiste. Op dezelfde dag dat het ministerie de benoeming van een kandidaat bekend maakte, werd ook een wijziging gepubliceerd van het Statuut van het Nationaal Archief gepubliceerd in de Staatscourant. Deze wijziging maakte het mogelijk om iemand zonder diploma te benoemen als directeur, en niet tot rijksarchivaris. En zo gebeurde het ook. Zodra deze kandidaat het vereiste diploma behaald zou hebben, zou hij ook benoemd kunnen worden tot rijksarchivaris.'

Archiefonderzoeker Eric Hennekam diende hierover een klacht in, omdat hij onafhankelijk onderzoek wilde. Op zijn verzoek heeft de Nationale ombudsman zich gericht op de volgende punten:

1. of de vacature in strijd was met de Archiefwet 1995 en het Statuut agentschap Nationaal Archief;

2. op de schijn van partijdigheid bij de benoeming.

In het rapport concludeert Brenninkmeijer dat inderdaad sprake is geweest van schijn van partijdigheid. ‘Na onderzoek constateert de Nationale ombudsman dat de procedure voor de benoeming op zich correct is verlopen. De Nationale ombudsman heeft geen aanwijzingen gevonden dat het Ministerie van OCW daadwerkelijk partijdig is geweest bij de benoeming zelf: de juiste man is op de juiste plaats terechtgekomen.

Wel is op twee punten de schijn van partijdigheid gewekt, vindt de ombudsman. Ten eerste constateert hij dat de vacaturetekst niet in overeenstemming is met de Archiefwet. Volgens de Archiefwet is een archiefdiploma vereist voor een rijksarchivaris.

Daarnaast heeft de ombudsman kritiek op het late tijdstip waarop de regelgeving zo gewijzigd werd dat een kandidaat benoemd kon worden die niet in het bezit was van een archiefdiploma. Het ministerie had al voor aanvang van de procedure onderkend dat het lastig zou zijn om de combinatie van zowel directeur als rijksarchivaris in één persoon te vinden. Desondanks is niet voorafgaand aan de procedure het juridisch kader voor de vacature gewijzigd. Dit is pas gebeurd op het moment dat een kandidaat benoemd werd die niet aan de eisen voldeed. Dit wekt de schijn van partijdigheid: de regels van het spel mogen niet tijdens het spel gewijzigd worden.’

Aldus de Ombudsman, die overigens geen verdere dwingende aanbevelingen doet in zijn rapport. “Het gaat de Nationale ombudsman er vooral om dat de overheid hiervan leert en dit soort fouten niet nog een keer maakt”, zegt woordvoerder Sandra Loois van de Nationale ombudsman desgevraagd. “Het is wel gebruikelijk dat de minister hierop reageert, wat aannemelijk is door de publiciteit die dit onderzoek oplevert.”

Hennekam is tevreden: "Het is goed zo. Persoonlijk ben ik blij voor het Nederlands archiefwezen dat er nu meer duidelijkheid is. Anders bleef deze kwestie maar boven de markt hangen en dat is voor het functioneren van de heer Berendse ook niet goed."