Main Content

Precies honderd jaar geleden Ernest Shackleton bereikt de Zuidpool

  • 16 januari 2009

Op 16 januari 1909 bereikt de Iers-Engelse ontdekkingsreiziger Ernest Shackleton de Zuidpool. Althans, de magnetische Zuidpool. Door voedselgebrek strandt hij op honderdvijftig kilometer afstand van zijn einddoel: de geografische pool. Twee jaar later lukt het de Noor Amundsen wel.

Shackleton komt tijdens zijn Nimrod-expeditie (1907-1909) op het meest zuidelijke punt ooit: 88.23 graden zuiderbreedte. Helaas voor hem is dit nog steeds honderdvijftig kilometer verwijderd van de Zuidpool. Het probleem: er is een gebrek aan proviand. In een race tegen de hongerdood moet Shackleton met zijn compagnons terugkeren naar het basisstation. Op één van de dagen schenkt Shackleton zijn biscuit van de dag aan zijn reisgenoot Frank Wild, die hierover later schrijft: '_Al het geld in de wereld zou deze biscuit niet kunnen kopen en de herinnering aan dit offer zal voor altijd bij me blijven._'

Desondanks is Shackleton's Grote Reis van het Zuiden een groot succes: hij ontdekt met zijn expeditie de magnetische Zuidpool, en nooit eerder kwam er iemand zó dicht bij de geografische Zuidpool. Met twee jaar is dit op dat moment tevens de langst durende poolexpeditie uit de geschiedenis.

Velen vóór Shackleton probeerden het ijs van Antarctica te bereiken, of bedwingen. In 1599 zou er door een Nederlands schip al een glimp opgevangen zijn van Antarctica. In het logboek staat althans geschreven dat het schip ‘_soo verre Suytwaerts is ghedreven namelijck op vier en tsestich graden besuyden de Straet als het Land van Noorweghen heel wit bedekt_'.

Maar de officiële ontdekking wordt toegeschreven aan de Rus Von Bellinghausen en de Brit Edward Bransfield die in 1820 vanaf de zee de ijzige vlakte aanschouwen. In 1831 ontdekt de Schot James Clark Ross de magnetische noordpool. In 1839 vertrekt hij zuidwaarts om ook de magnetische zuidpool te ontdekken. Deze bereikt hij niet, maar tot dan toe was er niemand zo ver gekomen als hij.

De Zuidpool wordt in 1895 voor het eerst betreden door de Rus Carsten Borchgrevink, op de voet gevolgd door Leonard Kristensen. Het is de allereerste officiële landing op het Antarctische vasteland (John Davis betrad in 1821 het schiereiland).

Twee jaar later voert de Belgische Adrien de Gerlache een spectaculaire expeditie uit. Hij vaart op 16 augustus 1897 met de driemaster ‘_De Belgica_’ de haven van Antwerpen uit. Naast matrozen, een chefkok, een monteur en de eerste stuurman is er ook een internationaal gezelschap van wetenschappers aan boord, waaronder ook Roald Amundsen. Aanvankelijk lijkt de expeditie voorspoedig te verlopen, maar in maart 1898 vriest het schip vast in het ijs. Noodgedwongen overwinteren de expeditieleden op het ingevroren schip bij temperaturen van rond de 45 graden onder nul. De mannen aan boord krijgen scheurbuik, lijden aan ernstige bloedarmoede, hoofdpijn en depressie. Ze overleven door zeehonden en pinguïns te eten.

Tijdens de zomer wordt er alles aan gedaan om ‘_De Belgica_’ te bevrijden. Met springstof probeert men bijvoorbeeld het ijs te breken. Het mag niet baten. Wonder boven wonder opent het kanaal zich op 15 februari opnieuw. De boot bereikt op 14 maart 1899 de open zee.
Pas na twee jaar is ‘_De Belgica_’ weer terug in Antwerpen. Gerlache en zijn bemanning worden als helden ontvangen: ze zijn de eersten die de gevreesde Antarctische winter hebben getrotseerd. Bovendien brengt het de expeditie een lading aan monsters en wetenschappelijke gegevens terug.

Roald Amundsen vindt in 1903 de noordwestelijke doorgang. Zijn poging om als eerst de geografische noordpool te bereiken mislukt, omdat iemand anders hem voor is. Zijn nieuwe uitdaging wordt de geografische zuidpool. De tocht verloopt voor hem zonder al te grote problemen. Na de bijna-geslaagde poging van Shackleton lukt het Amundsen op 14 december 1911 wel. Samen met zijn expeditieleden bereikt hij de geografische Zuidpool. Ook de terugweg verloopt voorspoedig, in tegenstelling tot die van zijn geduchte concurrent Robert Scott.

Scott heeft op het ongeveer hetzelfde moment het plan opgevat om de geografische Zuidpool te ontdekken. Hij komt met zijn expeditie een maand na Amundsen aan. Hun teleurstelling is enorm wanneer blijkt dat ze niet de eersten zijn. De terugreis verloopt ook nog eens rampzalig; geen van de mannen overleeft de barre tocht.
De geografische Zuidpool is bereikt, maar nog niet het hele Antarctische continent is verkend. In de 20e eeuw zou daarom nog menig avonturier een reis wagen. Zo onderneemt de Australische geoloog Douglas Mawson in 1911 de expeditie ‘_Australasian Antarctic Expedition_’. In 1913 weet hij de eerste draadloze communicatie van en naar het Antarctische continent tot stand te brengen.

Shackleton zet na 1909 zijn tochten naar extreme oorden voort, ondanks hartproblemen (waarschijnlijk veroorzaakt door ontberingen op de expedities). Hij onderneemt nog een aantal expedities, zoals een trans-Antarctische tocht tussen 1914 en 1917. Zijn laatste expeditie is in 1921, op zoek naar een aantal verloren eilanden bij Antarctica. Onderweg krijgt Shackleton een hartaanval, maar hij weigert medische zorg waarna het schip verder zuidwaarts trekt. Een tweede hartaanval op 5 januari 1922 is hem echter fataal. Shackleton wordt twee maanden later begraven op het eiland South-Georgia, ergens tussen Argentinië en de Zuidpool.

Beeld en geluid
- uitzending van Andere Tijden over de Nederlandse expedities naar de Zuidpool
- OVT over Shackleton's tochten
- uniek fragment door Shackleton zelf ingesproken, waarin hij over de Nimrod-expeditie vertelt