Main Content

Andere Tijden over de antiautoritaire crèche Blote peuters smeren poep op de muur

  • 6 april 2010
Antiautoritaire crèche
Zoom
Antiautoritaire crèche

Het fenomeen van de antiautoritaire crèche heeft slechts een jaartje of tien bestaan. De kinderen van toen zijn inmiddels zelf vader of moeder, de ouders van toen zijn nu opa en oma. Andere Tijden kijkt terug op dit sociale experiment, dat in die tijd al veel kritiek kreeg. Blote peuters, die poep op de muren smeerden – daar werd toch niemand beter van? Andere Tijden kijkt terug met de ouders van toen. Wie terug wil kijken met de kinderen van toen moet de documentaire "De kresj" van Marije Meerman uit 1995 te bekijken: dat kan via de videolink op deze site.

Rond 1970 moest alles anders. Ook de opvoeding van kinderen. Her en der in het land experimenteerden ouders met antiautoritaire crèches. Peuters smeerden frank en vrij met verf en speelden met spijkers, niemand greep in. In Andere Tijden ouders over hun idealen, zelfstandigheid van kinderen en de opvoeding tot nieuwe mens.

Opvoeden met grenzen en regels mag tegenwoordig weer. Dat blijkt wel uit de vele hedendaagse reality-shows als Schatjes, The Nanny en De Opvoedpolitie. Het lijkt een reactie op de doorgeschoten ‘overlegopvoeding’, waarbij het kind centraal staat.

Een extreem voorbeeld hiervan is het experiment dat groepen ouders – vooral studenten en kunstenaars -eind jaren 60 begonnen met antiautoritaire crèches. De toestanden binnen die crèches haalden regelmatig het nieuws. Kranten schreven over blote peuters, die de muren met poep besmeurden. Ondanks die kritiek was het voor de betreffende ouders toch de nieuwe manier van opvoeden onderdeel van een groter ideaal. “Zorg dat het kritische persoonlijkheden worden, die met beidebenen in de samenleving staan en net als wij werken aan een betere samenleving”, vertelt Henk Spoeltman zijn zoontje op de antiautoritaire crèche.

Rond 1970 waren er minstens vijftien dergelijke crèches in Nederland, veelal in de universiteitssteden. De ruimtes werden zo ingericht dat kinderen er ongeremd konden spelen. Ze mochten naar hartenlust muren verven en door de gangen fietsen. Plastic speelgoed was uit den boze, net als speelgoedgeweertjes en Barbiepoppen. Die waren namelijk te rolbevestigend. Kinderen speelden daarentegen wel met echte hamers en echte spijkers, wat soms gevaarlijke situaties opleverde.

Eind jaren 70 waren de meeste experimenten ter ziele. Veertig jaar later kijken de ouders terug - vaak alweer opa en oma. Ze zijn trots op hun kinderen. Het was een mooie tijd en spijt hebben ze niet. Toch maakt Henk Spoeltman wel een kleine kanttekening: “We behandleden ze als kleine volwassenen. Ik vind nu dat een kind echt een kind mag zijn en dat je als ouder op een bepaald moment moet zeggen: Het gaat zoals ik het wil. Punt.”