Toen er nog geen Partij voor de Dieren was Ganzen slachten in Goor in 1928

- Zoom
- Ganzen slachten in Goor in 1928
Kijkje in een ganzenmesterij en -slachterij in Goor
De rond 1860 gestarte ganzenslachterij Moormann in Goor mestte in eigen beheer veel opfokdieren af. Marktverdeling, groeiende landbouwproductie met hogere veebezetting, aanleg dijken langs de verschillende, regelmatig overstromende beken en tenslotte de aanleg van het Twentekanaal rond de jaren 1930, betekende door de sterk verbeterde afwatering het einde van de ganzenhouderij.
Talrijke anekdotes, spreuken (bijvoorbeeld: ‘Waggelen als een vette gans’ en ‘Vrouwen en ganzen kun je altijd horen’) evenals oude gebruiken herinneren nog aan deze dieren. Voorafgaande aan huwelijken werd bij de inschrijving een feestelijk ‘verenmoal’ gehouden. Genodigden brachtten dons(veren) mee voor de vulling van het beddengoed, waarna op de ‘kiekevisite’ het beddengoed werd getoond.
Ter herinnering aan de v.m. ganzenhouderij staat in het dorp een bronzen beeld van drie ganzen, gemaakt door kunstenaar Coen Willemsen en is op ’t Jonkeren, naast de ganzenweide, ter lering en vermaak een permanent ganzenbord aangelegd. In een informatieve kleurenfolder is het Ganzenrondje Gelselaar aangegeven, een ca. 13 km lange fiets- en wandelroute door en rond het dorp.
Bovendien is er jaarlijks een ganzenmarkt met de verkiezing van de beste in historische kledij gestoken ganzenhoedster, waarbij de ganzen op een diervriendelijke en attente manier met behulp van een drijfstok door het dorp gedreven dienen te worden, beoordeeld door een deskundige jury. Tijdens de markt staan kunst, cultuur en historie centraal in het ganzendorp. De stichting is in het bezit van een fraaie aquarel van kunstschilder Willem Hamel (1860-1924), gemaakt van een Gelselaarse ganzenhoedster met acht grazende ganzen.
(bron: Stichting Erfgoed Gelselaar - zie website)
BESCHRIJVING:
00.00 Uitgestrekt terrein, waarop tientallen grote, open hokken, waarin vetgemeste ganzen. Midden over het terrein loop een smalspoorbaan, waarover 00.25 troep ganzen voortgedreven wordt. Het hok wordt weer met een hek gesloten. 00.39 De ganzen zijn in een hok gedreven, worden een voor een beetgepakt en onderste boven naast elkaar opgehangen aan haken in de lage zoldering. 00.48 Slachter slaat de ganzen met een stok op de kop buiten bewustzijn waarna een tweede slachter meteen een snee in de hals onder de kop maakt. 01.00 Direct daarop rukt een plukker de grote veren uit de vleugels. 01.12 Dicht op een zittende groep plukkers, veelal jongens, die de ganzenlijven kaal plukken. De veren vliegen in het rond. 01.22 De geslachte ganzen worden op een houten bascule gewogen, op een paktafel gelegd, in pakpapier gerold en daarna in grote rieten manden gelegd. De deksels van de manden worden met touw dichtgemaakt. 01.52 Werklieden zwaaien de zware manden op een vrachtwagen. 02.01 Einde.