Geschiedenis achter de schermen Hoe bezet ik het Maagdenhuis?

- Zoom
- Maagdenhuis bezetting
Door heel het land zijn studenten in actie gekomen. Het Maagdenhuis in Amsterdam is nog niet bezet, zoals al tien keer is gebeurd sinds 1969, maar dat kan altijd nog. Als dit universitaire bestuurscentrum door studenten wordt overgenomen, trekt dit namelijk meteen veel publiciteit. Maar hoe gaat zo´n bezetting van het Maagdenhuis nou eigenlijk? We nemen een historisch kijkje achter de schermen.
Door Jurryt van de Vooren
Als oud-bestuurslid van de Amsterdamse studentenbond ASVA heb ik in de jaren negentig enkele bezettingen meegemaakt – zowel van het Maagdenhuis als andere panden in Amsterdam.
Hier zaten soms ook hilarische mislukkingen tussen, zoals in 1994. De actievoerders hadden toen de fout gemaakt om de avond ervoor de nationale televisie in te lichten over de naderende bezetting van het Maagdenhuis. De redactie van het betreffende ochtendprogramma wilde die toen zo graag live uitzenden dat werd besloten om ’s nachts een gigantische satellietwagen te plaatsen naast het Maagdenhuis. Dit bakbeest trok de aandacht van de beveiligers, die meteen begrepen dat studenten op dat moment acties aan het voorbereiden waren. Waarom anders zou een tv-zender in de nacht van zondag of maandag opeens een satellietwagen plaatsen naast het Maagdenhuis, symbool van studentenacties? De ruim honderd studenten stonden die ochtend daarom tegenover een groot aantal beveiligers en dropen teleurgesteld weer af.
Door deze mislukking is het Maagdenhuis tot nu toe ‘slechts’ tien keer bezet geweest. De eerste keer in mei 1969 was de beroemdste, als icoon van het studentenverzet van de jaren 60. Alle bezettingen daarna vielen in de schaduw van die van 1969.
Tilburg
Toch waren de Amsterdammers niet de eersten, die een universiteitspand bezetten, omdat dit vlak daarvoor al in Tilburg was gebeurd. Op 28 april was de Katholieke Hogeschool in Tilburg gevuld met actievoerders, die pas op 6 mei weer vertrokken. Pas een week later ging Amsterdam over tot actie, in het Maagdenhuis dus.
De bezettingsplannen bestonden overigens al langer in Amsterdam. In februari 1969 wilde de ASVA naar het Maagdenhuis, maar zag daar door uitgebreide politiebewaking op het laatste moment van af. De bond had tot actie over willen gaan uit onvrede over de studentenvoorzieningen. Ondanks de afgelasting reageerde de universiteit toch verbolgen.
De Leeuwarder Courant schreef op 25 februari 1969: ‘Rector magnificus professor Belifante had de ASVA laten weten, dat alleen al door het dreigen van een bezetting van de centrale administratie het functioneren van een universiteit met 17.000 studenten en 4.000 medewerkers ernstig zou worden ontwricht.’
Hoe dan ook: als de ASVA in februari tot actie was overgegaan, zou Amsterdam de eerste stad met universteitsbezettingen zijn geweest. Nu heeft Tilburg die historiche eer. Kijk hier naar een terugblik op Tilburg.
Een nieuwe generatie
In de jaren negentig waren er drie succesvolle bezettingen van het Maagdenhuis, en die ene mislukte van 1994. Omdat ik die van dichtbij heb meegemaakt, weet ik hoe die werden voorbereid en uitgevoerd. Een exclusief kijkje achter de schermen, dus.
In de jaren tachtig werden heel veel studentenacties gevoerd tegen het beleid van minister Deetman. Maarten van Poelgeest was hier toen het boegbeeld van. Andere Tijden maakte hierover twee maanden geleden nog een uitzending.
Nadat al die acties waren mislukt, nam een generatie studentenactivisten teleurgesteld afscheid van de ASVA. Begin jaren 90 nam een nieuwe generatie het over, die zowel in 1990 als in 1993 het Maagdenhuis bezette.
Officieel gebeurde dat niet in de naam van de ASVA, alhoewel iedereen wist dat die erachter zat. Alles werd gecoördineerd vanuit het ASVA-kantoor aan de Spinhuissteeg 1.
Het verzamelpunt
Dat was dan ook het verzamelpunt. Een bezetting van een Maagdenhuis moest minimaal met 75 tot 100 mensen gebeuren. Met minder mensen maakte het een lullige indruk, vooral omdat de belangstelling voor zo’n actie heel groot zou zijn. Als dat aantal niet werd gehaald, werd de actie afgeblazen.
De bezetters verzamelden zich om een uur of zes in de ochtend, waar verschillende groepjes werden samengesteld. Die gingen ieder naar een afgesproken plek bij het Maagdenhuis om zich te verzamelen.
Voordat dit gebeurde, werden alle deelnemers er nadrukkelijk op gewezen dat er gevaar voor arrestatie bestond, en dat dit consequenties kon hebben voor een latere beroepskeuze. Als iemand dat risico niet wilde lopen, kon die zich terugtrekken.
Ook werd meegedeeld dat er een advocaat, in de jaren negentig meestal Ties Prakken, was aangetrokken voor bijstand. Daarna volgde nog uitleg over rechten en plichten bij arrestatie, en een briefje met het telefoonnummer van de advocaat.
De bezetting
De actievoerders liepen in groepjes ieder langs een andere route naar de twee verzamelplaatsen: de hoeken van de Heiligeweg met de Handboogstraat en Voetboogstraat. Op de plattegrond zijn die aangegeven met een rood kruis. De Heiligeweg is zo vroeg op de ochtend namelijk rustiger dan het Spui, waardoor de actievoerders minder snel zouden opvallen bij een toevallig passerende politiewagen.
(Klik op de tekening voor een groter beeld)
Aan de voorzijde van het gebouw, op het Spui, stonden twee of drie mensen (de groene pijl). Bij de fietseningang van het Maagdenhuis in de Voetboogstraat (de rode pijl) stonden drie mensen, waaronder een bekende van de portier – in vroeger tijden iemand die namens de ASVA in de Universiteitsraad zat. De bekende stond met fiets in het zicht van de camera, waarmee de portier kon zien wie daar stond. De andere twee stonden om de hoek, net buiten zicht van de camera.
Op het moment dat de portier op afstand de deur van binnenuit opende, doken die twee op, waarvan er één naar binnen rende, om aan de andere zijde de deur te openen aan de Handboogstraat (de zwarte pijl). Tegelijkertijd betrad het groepje op het Spui via de hoofdingang het pand om de portier officieel mee te delen dat het Maagdenhuis was bezet.
Omdat beide deuren aan de zijkant van het gebouw waren geopend, stroomden alle actievoerders vanaf de Heiligeweg naar binnen (via de route die is aangegeven met de grijze strepen). Van drie kanten tegelijk stroomden de studenten dus het gebouw binnen, zodat de portier niemand meer kon tegenhouden.
Tussen het moment van verzamelen op de Heiligeweg en de bezetting zaten slechts enkele minuten. Hoe korter de actievoerders op straat waren, hoe groter de kans op een succesvolle bezetting.
Eenmaal binnen
Na het betreden van het pand werd alle medewerkers van het Maagdenhuis de toegang ontzegd, behalve de portier. Die werd nadrukkelijk verteld dat die mocht blijven om ervoor te zorgen dat actievoerders niet door het pand zouden gaan zwerven en eventueel schade veroorzaken. De portier hield ook de belangrijkste sleutels bij zich. Er was permanent contact tussen de portier en de actieleiding. Als de portier zag dat er iets mis ging, kon die dat meteen aan de actieleiding doorgeven.
Meteen nadat iedereen in de grote hal stond, verklaarde een woordvoerder van de studenten tegenover alle aanwezigen dat het Maagdenhuis was bezet. Zo kwam er een duidelijk begin aan de actie, en kon er structuur worden aangebracht. Tevens vertelde hij welke mensen in de actieleiding zaten en wat de eisen waren. Die werden op papier aan iedereen uitgedeeld. Ook de regels voor de bezetting zelf werden verteld: geen alcohol, niet rondzwerven door het pand en geen vernielingen.
Tot slot werden verschillende groepen samengesteld, waarvoor iedereen zich aan kon melden. De buitendeuren moesten bewaakt worden, er konden spandoeken worden gemaakt, er moesten studenten langs de universiteiten om meer mensen naar het Maagdenhuis te lokken, er moest voor eten en drinken worden gezorgd, enzovoort. Iedereen moest zoveel mogelijk bij de actie worden betrokken om verveling of vertrek te voorkomen.
Ook werden de persberichten verzonden. Geen enkele journalist werd van te voren op de hoogte gesteld van de bezetting, omdat die vanwege haar historische lading al zoveel aandacht genereerde, dat dit niet meer nodig was. De journalisten kwamen toch wel. Daarnaast toonde de mislukking van 1994 aan dat dit alleen maar voor problemen kon zorgen. Een uur na aanvang van de actie vond de eerste persconferentie plaats.
Daarna was het wachten op de loop van gebeurtenissen. Wat zou het college van bestuur doen? Hoe reageerde de politie? Sloeg de actie over naar andere universiteitssteden? Dat zijn dingen waarop de actievoerders geen invloed meer hadden.
Dat waren de jaren negentig. Ook in deze eeuw is het Maagdenhuis al weer eens bezet geweest - de tiende keer. Misschien wordt dit in de toekomst nooit meer gedaan en wordt er eindelijk eens iets nieuws verzonnen.