Zegt Hans Blom in Andere Tijden Extra beveiliging NIOD tijdens Srebrenica-onderzoek

- Zoom
Hans Blom
Het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie NIOD moest zich extra beveiligen tijdens het Srebrenica-onderzoek. Onder meer een nabijgelegen studentenhuis zou een risicofactor zijn geweest. Dat zegt Hans Blom, toentertijd directeur van het instituut, in de volgende aflevering van Andere Tijden. De eerste beelden zijn hier al te zien.
In 1996 kreeg het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie NIOD de regeringsopdracht om onderzoek te doen naar de gebeurtenissen rond de val van Srebrenica en het daaropvolgende bloedbad. Zes jaar later leidde dit een officieel rapport. In die jaren werd het gebouw van het NIOD onderworpen aan extra strenge veiligheidsmaatregelen.
Hans Blom was tijdens dit onderzoek directeur van het NIOD. Tegen Andere Tijden vertelt hij dat er speciale sloten op de kamers waren aangebracht, waarin de onderzoekers hun werk deden. Dat gebeurde op last van de BVD – nu de AIVD. Verder waren de computersystemen afgesloten van de buitenwereld. “Het was zelfs zo dat de vitrages altijd dicht moesten. Wie weet waren in de buurhuizen mensen met verrekijkers en grootlenzen, die de stukken op tafel zouden fotograferen.”
De BVD vreesde ook een nabijgelegen studentenhuis. Blom: “Eén van de risicofactoren was het studentenhuis hiernaast. Dat loopt verder uit naar achteren, en daarin zijn kamers met ramen, vanwaar mogelijkerwijs studenten naar binnen konden kijken. Dat was weer een extra veiligheidsprobleem.”
Andere Tijden sprak met Blom over de totstandkoming van het Srebrenica-rapport, omdat de commissie Davids op 12 januari het rapport over de Nederlandse bijdrage aan de oorlog in Irak presenteert. Deze uitzending van Andere Tijden is op 7 januari. Een week later vervolgt Andere Tijden met de gevolgen van het Srebrenica-rapport en de kloof tussen politiek en wetenschap.