Main Content

Andere Tijden kijkt terug op het NIOD-rapport Srebrenica was het einde van Paars

  • 5 januari 2010
<p> </p>
Zoom

 

In 2002 presenteert het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie NIOD een onderzoeksrapport over deval van Srebrenica. Na zes jaar wachten slaat dit in als een bom: het kabinet treedt af – het einde van de paarse kabinetten. Achter de schermen lopen de emoties heel hoog op, aldus Andere Tijden komende donderdag in een tweedelige terugblik.

Op 12 januari presenteert de Commissie Davids haar onderzoek naar de Nederlandse besluitvorming over deelname aan de Irak-oorlog. Andere Tijden loopt hierop vooruit met een tweeluik over het NIOD-rapport over de val van Srebrenica in 1995. In het eerste deel zien we vermoeide medewerkers, een boze premier Kok over de trage vorderingen van de commissie, en ruzie in het kabinet. Volgende week behandelt het tweede deel de gevolgen van het rapport en de val van het hele kabinet Kok.

In de zomer van 1996 krijgt het NIOD opdracht onderzoek te doen naar de zwartste bladzijde uit de Nederlandse naoorlogse geschiedenis: de val van Srebrenica. Hans Blom, directeur van het instituut, bedingt ruime financiële middelen en weigert een deadline. Het eindrapport laat dan ook bijna zes jaar op zich wachten.

De onderzoekers worden gescreend door de BVD omdat ze staatsgeheimen onder ogen krijgen. Ze mogen met niemand over hun bevindingen praten. Er komen grote veiligheidssloten op de deuren, extra beveiligde computernetwerken en zware kluiskasten. De vitrages blijven dicht om te voorkomen dat vanuit een tegenoverliggend pand geheime stukken worden gefotografeerd.

Onderzoekers bezoeken ook het voormalige oorlogsgebied. Het is een aangrijpende ervaring voor wetenschappers die normaal vooral met hun neus in de boeken zitten. Bob de Graaff herinnert zich een gesprek met een man, die vertelt talloze moslims te hebben vermoord en er alleen maar spijt van heeft dat het er niet meer zijn geweest. “Tijdens dat gesprek lag er een pistool op de koelkast.”

Terwijl het onderzoek langzaam vordert en de deadline een paar keer wordt uitgesteld, groeit het ongeduld in de politiek. Jan Pronk ergert zich anno 2010 overigens nog steeds aan de voortdurende vertraging bij het NIOD: “Achteraf vind ik het jammer dat het een groep historici was. Men is tot heel diep in de middeleeuwen teruggegaan. Dat was voor dit onderwerp helemaal niet nodig.”

Wanneer tenslotte de verschijningsdatum op 10 april 2002 - vlak voor de verkiezingen - wordt vastgesteld is ook premier Kok 'not amused'. Toenmalig Defensieminister De Grave: “Dat was natuurlijk vreselijk.” Terugkijkend begrijpt Hans Blom de woede van Kok: “Natuurlijk was hij kwaad. Daar had hij hele goede redenen voor. Wij waren ook kwaad. Op onszelf.”

Voor Pronk staat de conclusie al voor verschijning van het eindrapport vast en neemt daarop een voorschot in een uitzending van NOVA. “Terugkijkend hebben we gefaald. Ik, de politiek. En van dat falen zijn anderen het slachtoffer geworden”, stelt een aangeslagen Pronk vast.

Daarmee haalt hij zich de woede van het hele kabinet op de hals. Frank de Grave zegt nu in Andere Tijden: “Je gaat niet vlak voor het verschijnen van het NIOD-rapport, wat echt een kabinetszaak is, als individuele minister bij NOVA een potje zitten filosoferen. Zeker niet met zulke zware woorden. Dat heeft hij van ongeveer alle collega’s te horen gekregen. Daar was geen woord Spaans bij.”

Pronk bekent schuld door z'n ontslag aan te bieden, maar Kok verscheurt de ontslagbrief van zijn partijgenoot voor zijn ogen. Enkele dagen later krijgt het kabinet op het Catshuis een presentatie van de bevindingen van het NIOD.

Andere Tijden, 7 januari 2010, 21.25 uur, Nederland 2