Main Content

Geschiedenis van Organon en De Pil Geen pillen meer uit Oss

  • 20 juli 2010
<p>Pillen draaien in Oss</p>
Zoom

Pillen draaien in Oss

MSD in Oss, het voormalige Organon, verdwijnt grotendeels uit Oss. Decennialang stond Organon symbool voor De Pil, die in 1981 op de markt kwam.

(geschiedenis: zie ook Wikipedia)

De geschiedenis van het bedrijf voert terug tot 1887 toen Saal van Zwanenberg, telg uit een geslacht van vee- en vleeshandelaren, in Oss een exportslachterij begon onder de naam 'Zwanenberg Slachterijen en Fabrieken'. Deze slachterij breidde uit met tal van nevenactiviteiten voor de verwerking van bijproducten, zoals een kuiperij, een vetsmelterij, een bacon- en darmenzouterij, een bloeddrogerij voor bloedworst en een fabriek die varkensharen verwerkte tot borstels. Dit geheel werd uitgebreid met een margarinefabriek, een raffinaderij voor dierlijke oliën en vetten, en daarnaast ook fabrieken voor ijs, zeep, en conserven.

De fabrieken voor margarine, olie, vet en zeep werden reeds in 1929 overgenomen door Unilever. De overgebleven vleessector maakte nog een hele evolutie door alvorens ze in 1970 aan Unilever werd verkocht.

Bij Zwanenberg bestond de wens om het slachtafval uit de Zwanenberg fabrieken nuttig te gebruiken. Er bestond reeds een vermoeden dat zich in dierlijke organen een aantal medisch nuttige stoffen zouden bevinden. Het was echter niet bekend hoe deze stoffen konden worden geïsoleerd. In 1921 werd in Canada door de onderzoekers Banting en Best ontdekt hoe men uit de alvleesklier van dieren insuline kon winnen. Hierop richtte Saal van Zwanenberg in 1923 Organon op als dochtermaatschappij van Zwanenberg.

In samenwerking met de chemici Ernst Laqueur en Jacques van Oss werd een manier gevonden om uit de alvleesklier van geslachte varkens het middel insuline te extraheren op industriële schaal. Dit eerste product van Organon was een unicum in de wereld. Aanvankelijk gebruikte men alvleesklieren van varkens. Daarbij had men zeer veel materiaal nodig voor een klein beetje insuline. Toen echter ontdekt werd dat de alvleesklier van nuchtere kalveren een veel hoger gehalte aan insuline bevatte, werd overgegaan op deze grondstof: bevroren alvleesklieren van runderen werden voortaan uit Argentinië geïmporteerd.

In 1924 kwam ook het product 'Ovarnon' op de markt, dat gewonnen werd uit eierstokken van paarden. Deze bevatten het hormoon oestrogeen dat gebruikt werd voor vruchtbaarheidsverhogende middelen en tegen overgangsklachten. Met van Zwanenberg als commercieel directeur, en Laqueur als wetenschappelijk leidinggevende groeide Organon uit tot een internationaal bedrijf, dat in 1934 al in 40 landen was vertegenwoordigd door verkooporganisaties. Het bedrijf stond bekend onder de naam Zwanenberg Organon, waarmee de combinatie van slachterij en farmaceutische fabriek werd bedoeld.

Duistere jaren bracht de Tweede Wereldoorlog, waarbij de voor het merendeel Joodse directieleden zwaar werden vervolgd door de nazi's. Een aantal leden van de familie van Zwanenberg kwam om in vernietigingskampen, anderen konden naar Engeland vluchten. Het bedrijf werd door de nazi's overgenomen en moest voor de bezetter produceren. Een aantal joodse medewerkers werd door de nazi's weggevoerd en vermoord.

In 1953 kreeg het bedrijf het predicaat 'Koninklijke' en werd dus Koninklijke Zwanenberg Organon De naoorlogse periode bracht overnames en groei met zich mee. In 1967 fuseerde het bedrijf met Koninklijke Zout Ketjen tot Koninklijke Zout Organon, waarna verdere overnames volgden, en Organon zich ontwikkelde tot een zeer groot bedrijf met researchfaciliteiten in 5 landen, productiefaciliteiten in 15 landen en verkoopkantoren in 50 landen. Met een afzetmarkt van meer dan 100 landen was Organon het grootste farmaceutische bedrijf dat in Nederland gevestigd was. Vestigingen zijn er in Oss, Schaijk, Apeldoorn en Boxtel, met in totaal 5000 medewerkers, waarvan 4500 in Oss. Wereldwijd zijn er 14000 medewerkers (stand 2007).

In 1969 ging Koninklijke Zout Organon op in het AKZO concern. Dit stootte in 1970 de vleesactiviteiten af. Deze werden verkocht aan Unilever, dat ze in 1996 weer doorverkocht aan "Van der Laan", een familiebedrijf uit Almelo.

In 1981 kwam de anticonceptiepil 'Marvelon' op de markt, terwijl Chefaro de zwangerschapstest 'Predictor' uitbracht. In 2001 werd Chefaro (bekend van o.a. Predictor en Davitamon) overgenomen door het Belgische bedrijf Omega Pharma. In datzelfde jaar werd Organon Teknika te Boxtel overgenomen door het Franse bedrijf bioMérieux uit Lyon, dat gespecialiseerd is in diagnostische producten, zoals AIDStesten. Het veel kleinere Diosynth, dat onder andere 'Moeders voor moeders' leidde, bleef te Boxtel, maar men verwachtte dat het zou sluiten als technologische ontwikkelingen de inzameling van urine overbodig zouden maken. De farmaciebedrijven, met honderd medewerkers, zouden uiteindelijk verhuizen naar Oss.

In 2002 werd een gedeelte van het hoofdkantoor van Organon verplaatst van Oss naar Roseland, New Jersey in de Verenigde Staten, omdat zich daar het centrum van de wereldwijde farmaceutische industrie bevond. In 2007 maakte de algemeen directeur en oud D66-politicus Hans Wijers van moederbedrijf AkzoNobel bekend de dochter 'Organon BioSciences' af te splitsen en als zelfstandige onderneming naar de beurs te brengen. De geplande beursgang op 27 maart 2007 ging echter niet door. Op het laatste moment was namelijk een akkoord bereikt met het Amerikaanse Schering-Plough, dat Organon voor 11 miljard euro heeft gekocht. De officiële overname heeft in november 2007 plaatsgevonden. In 2009 is Schering Plough gefuseerd met land- en branchegenoot Merck & Co., en voert sindsdien internationaal de naam Merck Sharp & Dohme (MSD.