Main Content

Brand in 1921 trok duizenden mensen Ramptoerisme in Zandvoort

  • 28 juli 2010
<p>Brand in Zandvoort in 1921</p>
Zoom

Brand in Zandvoort in 1921

Een grote brand in Zandvoort in de zomer van 1921 trok veel mensen, die zin hadden in een verzetje. Op de originele filmbeelden zijn ze duidelijk te zien, waarbij ze zelfs regelmatig voor de camera springen met hun beste glimlach. Deze mensenmassa was, net als nu, niet vies van sensatie. Opvallend was ook dat de brandweermannen van Haarlem geen bijstand konden verlenen, omdat ze met andere slangen werkten dan hun collega’s in Zandvoort.

Op 4 augustus 1921 was er in Zandvoort een grote brand bij circus Palais D’Eté. Dit gebouw uit 1904 ging tegen de vlakte, net als een nabijgelegen restaurant.

Er zijn nog filmbeelden van, gemaakt door Polygoon Hollands Nieuws. Hierop zien we duidelijk de omvang van de brand en het genoegen dat de omstanders eraan beleven om hier getuige van te zijn. Voor de camera duiken de hele tijd mensen op met een grote glimlach, zodat we er zeker van kunnen zijn dat zij niet de eigenaar waren van het pand.

Behalve Polygoon waren er ook dagbladverslaggevers aanwezig om vast te leggen wat zich voor hun ogen afspeelde. Het Vaderland bijvoorbeeld schreef op 5 augustus 1921:

‘Gisterenmiddag omstreeks drie uur is een groote brand uitgebroken in het Palais d'Ete te Zandvoort. Het gebouw is tot den grond toe afgebrand. Het café Monopole dreigde eveneens te worden aangetast; men vreesde voor nog meer uitbreiding. De brandweer van Zandvoort kon geen help genoeg verleenen; daarom werd de Haarlemsche brandweer gewaarschuwd. Persoonlijke ongelukken hebben niet plaats gehad. De brand is vermoedelijk ontstaan in het middengedeelte van het gebouw.

Nader wordt ons gemeld:

Duizenden slaan den brand gade. Dikke rookwolken stijgen op. Aangewakkerd door den wind slaan de vlammen over naar het vlak nabijzijnd restaurant Helder, dat in vlammen opgaat. Monopole, dat ook vlam vatte, heeft men nog bijtijds weten te behouden. Het wordt nu, met de aangrenzende gebouwen, goed nat gehouden, zoodat kans op uitbreiding vrijwel uitgesloten is.

De Haarlemsche brandweer moest onverrichter zake terugkeeren, daar haar slangen met bajonetsluiting niet passen op de waterleidingbuizen met schroefsluiting hier ter plaatse. Het blusschingswerk wordt zeer bemoeilijkt door den fellen Z.W. wind.’

Aldus Het Vaderland. Opvallend hierbij is dat de verschillende brandweerkorpsen er een eigen systeem op nahielden om slangen aan te sluiten op het waternetwerk. In Zandvoort zorgde dat er dus voor dat er geen hulp kon worden geboden door de Haarlemse collega’s. Bij een grote brand als deze was het plaatselijke corps in feite per definitie kansloos, omdat hulp van andere brandweerlieden onmogelijk was vanwege een ander systeem. Of de brandweer dit gebrek aan eenheid toen zelf ook is opgevallen, is onbekend.

Volgens de sociaaldemocratische krant Voorwaarts werd het bestrijden van de brand nog verder bemoeilijkt door de wind, die uit wisselende richtingen kwam. In restaurant Helder ontploften verder enkele koolzuurflessen, ‘zonder evenwel ongelukken te veroorzaken’. Bij Palais D’Eté ging alles verloren, waaronder duizend toneelstoelen, de gehele toneelinventaris, drie piano’s en de persoonlijke bezittingen van de directeur.

‘Alles was verzekerd’, aldus verschillende dagbladen, maar dat betrof dan alleen de eigendommen van het circus zelf, die voor ƒ350.000,- waren ondergebracht. Vooral de artiesten waren zwaar getroffen, omdat hun instrumenten – vaak onverzekerd – in vlammen waren opgegaan.

Deze verslagen kunt u zelf nalezen:

  • Het Vaderland, 5 augustus 1921, hier
  • Voorwaarts, 5 augustus 1921, hier
  • Voorwaarts, 6 augustus 1921, hier
  • Het Vaderland, over de nasleep, 24 augustus 1921, hier