Premier Cameron maakt gebaar na bijna veertig jaar Excuses voor Bloody Sunday

  • 15 juni 2010
<p>De twaalf slachtoffers op een muurschildering in Bogside, de buurt waar Bloody Sunday (The Bogside Massacre) zich voltrok. (Bron: Vintagekits)</p>
Zoom
<p>De twaalf slachtoffers op een muurschildering in Bogside, de buurt waar Bloody Sunday (The Bogside Massacre) zich voltrok. (Bron: Vintagekits)</p>

De Britse premier David Cameron heeft dinsdag in het Lagerhuis namens de regering excuses aangeboden voor de dood van dertien ongewapende betogers tijdens Bloody Sunday in 1972. Hij deed dat bij de presentatie van een langverwacht rapport over het tragische incident.

Het lijvige onderzoeksrapport van de magistraat Mark Saville (74) is na twaalf jaar gepresenteerd. Lord Saville is tot de conclusie gekomen dat Britse militairen in strijd met het recht dertien ongewapende betogers hebben doodgeschoten in de Noord-Ierse plaats Londonderry.

De dood van de dertien betogers was ,,onrechtvaardig en onverdedigbaar'', zei de premier. Het is ,,overduidelijk'' dat de militairen ,,fout'' zaten. Cameron noemde de conclusies van het rapport ,,schokkend''.

De verklaring van de premier werd in Londonderry op een groot scherm uitgezonden. Toen hij zijn excuses aanbood, applaudiseerde de toegestroomde menigte.

De dag dat in 1972 leden van een Brits parachutistenregiment het vuur openden op demonstranten aan de rand van het centrum van Londenderry is berucht geworden als Bloody Sunday. Vooral voor de leden van de republikeinse gemeenschap, die Noord-Ierland bij de republiek willen voegen, bleef ,,bloedige zondag'' een open wond.

De betogers waren republikeinen die tegen de unionisten (Noord-Ieren die een nauwe band met Londen willen) en de Britse regering betoogden. In 1974 concludeerde een onderzoek in de gauwigheid dat de betogers gewapend waren en de militairen uit zelfverdediging schoten. Zeven van de dertien doden waren tieners. Een veertiende slachtoffer overleed later aan zijn verwondingen.

De schietpartij in Londonderry, door de republikeinen Derry genoemd, was een van de dieptepunten in de strijd uit die jaren tussen de overwegend rooms-katholieke republikeinen en de overwegend protestantse unionisten in Noord-Ierland. In het jaar 1972 bijvoorbeeld kwamen bijna vijfhonderd mensen in Noord-Ierland om het leven inclusief honderd Britse militairen.

Het Goede Vrijdag-akkoord uit 1998 maakte een einde aan de gewapende strijd. Drie maanden voordat dit akkoord werd ondertekend, riep de toenmalige Britse premier Tony Blair een commissie in het leven, die de toedracht van Bloody Sunday opnieuw moest onderzoeken. (ANP)

Kijk naar: