De rokkenjager achter Het Kapitaal Boek van de Week: Friedrich Engels
Het wordt wel eens vergeten, maar welbeschouwd was het een zoon van een kapitalist, die Het Kapitaal van Karl Marx baarde. Want zonder de 300.000 Britse ponden die Friedrich Engels doneerde aan de familie Marx was het levenswerk van Marx er nooit gekomen. Over Engels verscheen een nieuwe biografie, waaruit blijkt dat de man achter Marx meer was dan aangever, hij was ook een Victoriaanse vrouwenliefhebber, een levensgenieter en een zelfstandig auteur.
De rokkenjager achter Het Kapitaal
Friedrich Engels is een van die belangrijke historische figuren die enigszins in de mist verdwenen zijn. De man die als textielindustrieel in Manchester een kapitaal verdiende en kwijtraakte aan het zwarte gat van de huishoudportemonnee van de familie Marx te Londen, is naar de achtergrond verdwenen. Hij voedde een koekoeksjong dat hem overvleugelde en in een donkere slagschaduw aan het zicht van de geschiedenis onttrok.
Maar hij vond het best de tweede viool te spelen. Toen Marx ‘Het Kapitaal’ voltooid had schreef hij zijn vriend dat hij begreep dat het moeilijk voor hem was geweest om al dat geld op te brengen, maar dat dat nou eenmaal de weg was die ze samen hadden te gaan: Marx zelf zorgde voor het intellect en Engels zorgde voor het geld.
In zijn nieuwe biografie van Friedrich Engels, the Frock Coated Communis rekent de Britse historicus Tristram Hunt voor dat Engels tussen 1850 en 1870, omgerekend naar de waarde van vandaag, ongeveer 300.000 Britse ponden aan de familie Marx heeft overgemaakt. Geld dat hij verdiend had als textielbaron.
En het is precies die paradox die het leven van Engels zo interessant maakt. Geboren in het Rijnland, in de dynastie van de textielfirma Caspar Engels und Söhne, ontpopte hij zich tot een opstandige, flaneur, dol op drank en vrouwen, die zich omringde met de symbolen van jonge Duitse opstandigen, zoals flamboyante kleren en een zo groot mogelijke snor.
Pas later zou hij zijn geboorteplaats beschrijven als een oord waar de paarse vloed van een smalle rivier nu eens snel dan weer traag stroomt tussen rokende fabrieksgebouwen en blekerijen. En een plek waas fabrieksarbeiders wonen in lage kamertjes waar ze meer kooldamp en stof dan zuurstof inademen. Mensen zonder bestaanszekerheid die bij het aanbreken van de dag uit hun schuilplaatsen, hooibergen en stallen kruipen.
Maar aanvankelijk was hij vooral een zoekende zoon van een industrieel die mislukte op school en naar Manchester trok om er nog wat van te maken. Zijn eerste contacten met Marx verlopen ook ijzig.
Die contacten zouden al snel verbeteren. Want Marx had hem nodig, niet alleen voor het geld. Als Engels in 1848 naar huis terugkeert en tijdens revolutionaire onrusten gewapend de barricaden beklimt, is Marx opgetogen. Goddank! Eindelijk een heuse revolutionair in de gelederen! Marx zelf immers, zat achter zijn bureau in Keulen. ‘Dit moet je opschrijven!’ schreef Marx aan Engels. ‘Nu kunnen we ons mannetje staan in de revolutionaire beweging en onder het imago van salondebaters uitkomen!’
De revolutie mislukt, Engels gaat terug naar Manchester en hij werkt als manager in een textielfabriek. Want er is geld nodig. En terwijl hij daar zijn geld opstrijkt, ziet hij om zich heen het revolutionaire elan langzaam uitdoven. Hij leeft het leven van een Victoriaanse industrieel, die met de adel mee gaat op vossenjacht, maar onderwijl onderhoudt en helpt hij mensen: niet alleen de familie Marx, maar ook twee Ierse arbeidersmeisjes die hij op armlengte afstand huisvest en met wie hij een relatie heeft.
Hij ontfermt zich over een verstoten kind van Marx, hij betaalt schoolgelden, begrafenisgelden en drie keer per dag correspondeert hij met Marx en bevordert hij de wereldrevolutie.
Hunt beschrijft Engels als een paradoxale, maar humane man, die weliswaar begon als een licht ontvlambaar publicist, maar die zich ontwikkelde tot een veel milder denker, die weliswaar de ondergang van het kapitalisme bleef voorspellen, maar die nooit het idee van pluralisme heeft laten vallen. En terwijl Marx steeds verder in de bron zijn theorieën probeerde door te dringen (hij werkte aan de delen 2 en 3 van het Kapitaal) zette Engels de ramen open en schreef stukken die voor vandaag veel interessanter zijn, over urbanisatie, feminisme en kolonialisme. Hij leefde een lang leven waarin de revolutie niet kwam. Integendeel.
Mathijs Deen, redacteur OVT
Tristram Hunt: The Frock Coated Communist
Penguin Books LTd
ISBN: 9780713998528
