De lange weg naar Darwin, afl. 24: William Wordsworth (Slot)

- Vergroten
- 43437123
De Lange weg naar Darwin (slot) De ontwikkeling van menselijke opvattingen over hun eigen plek in de natuur voorafgaand aan Darwin. Afl.24: Dirk van Hulle over de dichter William Wordsworth en diens opdracht tot synthese.
OVT 9 mei 2010 uur 2 (9 min)
In het voorjaar van 1841 zit Darwin in een diepe depressie. Hij schrijft bijna niets meer, hij klaagt over ziekte en dat de tijd hem ontglipt. Hij weet niet hoe hij alles wat hij gezien, verzameld en gelezen heeft in een theorie moet verenigen. En de baby huilt en het huis in Londen wordt te klein. In deze donkere tijd zijn er maar weinig dingen waar hij concentratie voor kan opbrengen. Hij leest geen vakliteratuur, maar poëzie, van William Wordsworth. Het omvangrijke dichtwerk the Excursion vooral, en als hij het uit heeft, leest hij het nog een keer. Er zijn een paar passages die hij niet uit zijn hoofd krijgt: over de botanicus die zich doodstaart op dat ene bloempje, over de geoloog die alleen aandacht heeft voor die ene splinter die hij van een steen heeft afgeslagen. En dan die oproep van Wordsworth om zich niet blind te staren, maar als een echte romanticus alles te verenigen in een synthese die de grandeur van de natuur weerspiegelt. Na drie jaar depressie en poëzie klimt hij uit het dal en begint hij aan zijn eerste kladversie van de Origin.
Het fragment uit the excursion:
... Forgive me, if I say
That an appearance, which hath raised your minds
To an exalted pitch, (the self-same cause
Different effect producing) is for me
Fraught rather with depression than delight,
Though shame it were, could I not look around me,
By the reflection of your pleasure, pleased.
Yet happier, in my judgment, even than you,
With your bright transports, fairly may be deemed,
Is He (if such have ever entered here)
The wandering Herbalist,—who, clear alike
From vain, and, that worse evil, vexing thoughts,
Casts on these uncouth Forms a slight regard
Of transitory interest, and peeps round
For some rare Floweret of the hills, or Plant
Of craggy fountain; what he hopes for wins,
Or learns, at least, that 'tis not to be won :
Then, keen and eager, as a fine-nosed Hound
By soul-engrossing instinct driven along
Through wood or open field, the harmless Man
Departs, intent upon his onward quest!
Nor is that Fellow-wanderer, so deem I,
Less to be envied (you may trace him oft
By scars which his activity has left
Beside our roads and pathways, though, thank Heaven!
This covert nook reports not of his hand)
He, who with pocket hammer smites the edge .
Of every luckless rock or stone that stands
Before his sight, by weather-stains disguised,
Or crusted o'er with vegetation thin,
Nature's first growth, detaching by the stroke
A chip, or splinter,— to resolve his doubts;
And, with that ready answer satisfied,
Doth to the substance give some barbarous name,
Then hurries on; or from the fragments picks
His specimen, if haply interveined...
Dirk van Hulle: Darwin's kladjes
Uitgeverij Vantilt.
ISBN: 978 94 6004 019 1